Research
Op-ed
Verlies en reputatieschade?
Het is een argument dat gretig wordt gebruikt door de degenen die de verlies-verlies-afloop van het Uruzgandebat in het kabinet betreuren. Geen kabinet, uitgespeeld in Afghanistan, wat rest is reputatieschade.
Het is een gemakkelijke redenering die even moeilijk weerlegbaar als bewijsbaar is. Natuurlijk is Brussel niet blij, maar het moet ook niet allemaal overdreven worden.
In de eerste plaats is Nederland niet het eerste land dat terugtrekkende bewegingen maakt. Canada vertrekt uit het veel gevaarlijkere Kandahar; Frankrijk maakte twee weken geleden bekend dat het wel in Afghanistan zou blijven zolang nodig is, maar het weigert extra troepen te sturen; Duitsland blijft in het rustige noorden zitten, maar levert minder (extra) soldaten dan werd gevraagd; de Britten sturen nog wel extra troepen maar willen het vechten in de uithoeken van de provincie Helmand voortaan aan de Amerikanen overlaten - kortom: iedereen heeft wel zijn aarzelingen. Bovendien kan Nederland aanvoeren dat het tussen 2006 en 2010 goed zijn best heeft gedaan, ja zelfs boven zijn gewichtsklasse heeft gebokst. Veel schade-experts brengen daar tegen in dat er alleen naar je laatste actie wordt gekeken en dat al het goede wat je ervoor hebt gedaan niet meetelt. Als dat zo is, doe je het nooit goed genoeg en moet er altijd een schepje bovenop, dus die redenering deugt niet. Mág niet deugen, want het maakt een eerlijke boekhouding van doen en nalaten tot een aanfluiting.
- Nederland heeft boven zijn gewichtsklasse gebokst
In de tweede plaats moet de NAVO eerst maar eens in spiegel kijken. Operaties als die in Afghanistan vallen niet onder de wederzijdse bijstandsplicht uit artikel 5 van het NAVO-verdrag. Een aanval op een van de clubleden is een aanval op allen, zegt dat artikel, en dan moet je elkaar helpen. Operaties buiten het NAVO-grondgebied zijn - helaas - afhankelijk van de vrijwillige bijdragen van de leden. Geen verplichte solidariteit, wie zo vriendelijk is om mee te doen, moet er financieel bovendien nog zelf voor opdraaien ook. Een 'perverse loterij' wordt dat genoemd, en het zijn de NAVO-landen zelf die dit systeem (dat die naam eigenlijk niet eens verdient) nog steeds niet hebben weten te veranderen. Alle landen die tot nu toe fence sitters zijn geweest, zijn dus dubbel (militair en financieel) niet-solidair geweest en kunnen Nederland niet veel verwijten.
In de derde plaats bestaat er geen wereldranglijst waarin wordt bijgehouden wie zijn best doet en wie in gebreke blijft, een soort ELO-rating, waarin gewonnen en verloren schaakpartijen door rechtvaardige boekhouders worden verwerkt. Als er al zo'n rangorde bestaat, dan is het een ordinaire pikorde gebaseerd op macht, nauwelijks op solidariteit. China en India doen weinig aan ontwikkelingshulp, maar stijgen wel in de pikorde. Frankrijk en Duitsland bruskeerden Bush jr. door niet mee te doen aan de invasie van Irak en moesten volgens de neocons in Washington 'gestraft' worden. Maar Frankrijk werd feestelijk onthaald toen het even later weer in de NAVO-schoot terugkeerde, en nu levert het doodleuk oorlogsschepen aan Rusland die tegen Georgië ingezet kunnen worden. De boekhouders kijken de andere kant uit. Nederland en Noorwegen zijn kampioen ontwikkelingshulp, maar zullen altijd in de klasse vedergewicht blijven boksen. In Bosnië leverden we duizenden blauwhelmen voor de bescherming van de enclave Srebrenica. Maar we werden niet toegelaten tot de Contactgroep van landen die vijftien jaar geleden politiek de dienst uitmaakten. Duitsland stak zijn nek niet uit, maar mocht wel in de Contactgroep. Begin jaren tachtig wilde Nederland geen kruisraketten in Woensdrecht plaatsen. De NAVO was not amused. Maar veel kwaad heeft het ons achteraf niet gedaan, Reagan en Gorbatsjov sliepen er geen nacht minder om.
In de vierde plaats heeft het schade-argument een grote self-fulfilling prophecy. Je kunt er strategisch mee dreigen, maar wie het gebruikt, loopt de kans het over zichzelf af te roepen. Een tijdje geleden werd bekend dat Spaanse ambtenaren wel en Nederlandse niet meer worden uitgenodigd om aan de volgende ronde van de G-20 mee te doen. In Afghanistan telt Spanje trouwens nauwelijks mee. Maar om nu midden in dat delicate proces van ontvrienden zélf te verkondigen - zoals Balkenende op televisie deed en midden vorige week door het CDA ook al her en der strategisch als gerucht was uitgezet - dat een vertrek uit Uruzgan ons het G-20-lidmaatschap gaat kosten, is op zijn minst onhandig.
Wat allemaal niet wegneemt dat het buitenland weinig van onze regering begrijpt.
Op donderdag 25 februari debatteren wetenschappers en prominenten tijdens De Kwestie Live, de maandelijkse discussieavond van de Erasmus Universiteit, over de Nederlandse rol bij vredesmissies. Met o.a. prof. dr. Ko Colijn (Hoogleraar Internationale Betrekkingen) en prof. dr. Nico Schrijver (Commissie Davids).