Research

Articles

Haal nu de banden met Obama aan

09 Mar 2009 - 11:17
In iedere buitenlandtoespraak schetst president Obama ons een wereld die in snel tempo gevaarlijker wordt. Hij wijst daarbij vooral op nucleaire proliferatie en het internationale terrorisme. Die samenhang is interessant omdat terroristen steeds makkelijker aan massavernietigingswapens kunnen komen. Met name in de Verenigde Staten en de Russische Federatie zijn tienduizenden kernwapens opgeslagen als relikwieën van de Koude Oorlog.

De van oorsprong Nederlandse veiligheidsdeskundige Ivo Daalder, die de Washington Post tipt als VS-ambassadeur bij de Navo, schreef recent in Foreign Affairs over 'het geluk' dat we hebben gehad omdat er nog geen 'nachtmerrie op wereldschaal' heeft plaats gevonden. 'De strijd tegen nucleaire proliferatie en terrorisme moet de hoogste prioriteit van Washington zijn.' Daalder doet een uitdrukkelijk beroep op zoveel mogelijk bondgenoten. Er moet nieuwe internationale regelgeving komen op basis waarvan een aanzienlijke vermindering van massavernietigingswapens wordt bereikt. Daarnaast moet een strenger inspectieregime worden opgezet.

Obama schreef in december 2005 al in de Washington Post: 'Steeds meer landen ontwikkelen kernwapens en de bewaking van opslagplaatsen in voormalige Sovjetstaten laat te wensen over.' Ook de vele rondslingerende conventionele wapens uit de Koude-oorlogstijd, zoals luchtdoelraketten, vormen een belangrijk veiligheidsrisico voor Amerika en democratieën elders, aldus Obama en zijn Republikeinse mede-auteur Sam Nunn. Beide senatoren initieerden verdere non-proliferatiewetgeving die niet uitsluitend op het Amerikaanse belang gericht was.

Het nieuwe Washington valt op door een 'global approach' waarbij internationale instituten als het Internationaal Atoomagentschap in Wenen en de 'Organisation for the Prohibition of Chemical Weapons' in Den Haag een belangrijke rol spelen. Obama spreekt nadrukkelijk van een nieuw op te zetten internationale infrastructuur die past bij ons post-Koude-oorlogstijdperk. Gespecialiseerde organisaties, zoals boven genoemd, die op wereldschaal opereren, passen daarin maar ook een hervormde Verenigde Naties en Navo. Beide 'oude' instituten kunnen sterk aan effectiviteit winnen wanneer democratische landen beter samen werken en landen als Japan, Australië, India en Brazilië nauw bij de Navo betrokken worden.

De Nederlandse regering doet er verstandig aan nauwe banden te onderhouden met deze regering-Obama. Als hoeders van het internationaal recht kunnen wij geloofwaardig en krachtig participeren in de dialoog met Washington. Daarbij past een eerste loyaal gebaar. Den Haag moet temidden van Europese verdeeldheid zo spoedig mogelijk bekend maken ook gevangenen van Guantanamo in principe (!) op te willen vangen. Zoals Spanje al bekend maakte. Na zo'n gebaar kunnen wij geloofwaardig Washington vragen inzage te krijgen in veiligheids- en juridische dossiers op basis waarvan in ieder geval duidelijk moet worden waarom de Verenigde Staten zelf niet alle Guantanamo-gevangen kunnen opnemen. Zo stellen wij een voorbeeld op basis van een zorgvuldig besluitvormingsproces. Nederland heeft overduidelijk een politieke en militaire verantwoordelijkheid in de internationale strijd tegen het terrorisme.

Daarnaast moet Nederland op korte termijn bekend maken het goede werk in Afghanistan te willen voortzetten. Afghanistan en de tribale Pakistaanse grensgebieden, zo anders dan Irak, vormen de bakermat van het internationale terrorisme. De opbouw naar een meer stabiel Afghanistan kost nog vele jaren. Het land moet vanaf de grond worden opgebouwd en juist Nederlandse militairen zijn er in geslaagd om honderden scholen en ziekenhuisposten te bouwen.

In Washington wordt uitdrukkelijk het belang onderkend van 'soft diplomacy' waaronder ook wederopbouwtaken vallen. De nieuwe Amerikaanse militaire tactiek en strategie zal uitdrukkelijk deze 'smart power'-aanpak incorporeren. Dat moet Den Haag tevreden stellen. Een recente peiling van ABC en BBC geeft aan dat slechts 4% van de Afghaanse bevolking een terugkeer naar het Taliban-tijdperk wil. Dat biedt ruime mogelijkheden om de harten van de mensen te veroveren wat een voedingsbodem voor ontluikend terrorisme wegneemt.

Natuurlijk, Afghanistan is een van de meest onherbergzame, gecompliceerde gebieden op aarde. Nog vele jaren zal hulp van buitenaf nodig zijn. Wij mogen constateren dat Nederlandse militairen onder moeilijke omstandigheden effectief werk verrichten.

Er is dan ook geen enkele reden om in 2010 hiermee te stoppen. Voortschrijdend inzicht leert dat de regering-Obama haar buitenlandbeleid, en dan met name met betrekking tot Irak en Afghanistan, aanzienlijk in positieve zin wijzigt. Alleen al het feit dat de brede regio van Israël, Syrië tot en met Iran in snel tempo betrokken wordt bij het diplomatieke traject stemt tot voorzichtig optimisme. Washington stuurt ook 30.000 extra soldaten naar Afghanistan en neemt in economisch moeilijke tijden z'n verantwoordelijkheid.

Een afhaken van Nederland zou onbegrijpelijk zijn en het vertrouwen tussen beide landen ernstig schaden. Het moment is aangebroken om op basis van onze eigen Nederlandse verantwoordelijkheid de nieuwe Amerikaanse regering te ondersteunen in de strijd tegen het internationaal terrorisme die onder Obama de eerste trekken vertoont van gespierd multilateralisme en intelligente 'soft diplomacy.'