Research
Articles
Pijnlijk ongemak
Het mocht op last van het kabinet niet te veel aan de grote klok worden gehangen, we moesten niet al te strijdlustig overkomen. Komt u mij niet aan met alle fijne verschillen tussen Milosevic en Saddam Hoessein, Servië en Irak, de resoluties 1199 en 1441, het gaat erom dat we er toen totaal geen punt van maakten en nu wel. Op 8 oktober 1998 schreef minister van Buitenlandse Zaken Van Aartsen aan de Tweede Kamer 'dat blijvende weigering (van Milosevic, KC) om resolutie 1199 uit te voeren militair optreden in voldoende mate legitimeert'. In voldoende mate? Die resolutie beloofde nauwelijks meer dan 'verdere actie' als Milosevic zijn geweld in Kosovo niet zou staken - de serious consequences die Saddam drie jaar later via resolutie 1441 in het vooruitzicht waren gesteld, klonken een stuk dreigender. De hele Tweede Kamer slikte die formule en de F-16's konden opstijgen. Het novum in voldoende mate deed geen ogen knipperen, ook al impliceerde het dat er niet één mogelijke machtiging tot het beginnen van een oorlog is (namelijk een ondubbelzinnig mandaat van de Veiligheidsraad), maar vele.
Ik denk dan ook dat de Tweede Kamer inmiddels aan voortschrijdend inzicht lijdt, dat pijnlijke ongemak dat 's nachts blijft knagen en zich bij een volgende gelegenheid manifesteert in een verbeten poging tot compensatie. Anders valt toch nauwelijks te verklaren dat men elke aanleiding aangrijpt om dat Irak-onderzoek te eisen. Het juridisch memo van Buitenlandse Zaken was mosterd na de maaltijd. De juristen ondermijnden hun eigen protest door daarin te schrijven: 'uiteraard kunt u vanuit uw politieke verantwoordelijkheid afwijken van het door DJZ gegeven advies. In dat geval zal DJZ in alle loyaliteit een advocatenrol vervullen en u juridisch bijstaan bij de verdediging van het door u ingenomen standpunt.'
Ik ben die weekhartige zin in de berichtgeving nergens tegengekomen. Daarop volgde de vraag of de VS ons een formeel verzoek hadden gedaan om militaire steun. En of Den Haag dat in behandeling had genomen en zelfs al een artikel-100-brief aan de Kamer had geprepareerd. Als idioten stortten we ons op de linguïstische vraag wat een 'verzoek' is. Doet dat er werkelijk toe? De cruciale vraag was hoe ver Nederland wilde gaan, politiek of zelfs militair, en het enige waar wij de premier aan hoeven te houden, is zijn verdediging dat Nederland een eigen soevereine afweging maakte. Wat een Amerikaans verzoek dus irrelevant maakt.
De kwestie heeft nu een eigen dynamiek gekregen. De prooi heet Balkenende en hij heeft het er zelf naar gemaakt. De Kamer ruikt bloed, hij begint in de war te raken over de volgorde (en misschien causaliteit) der dingen: zijn ontkenning over het verband tussen de Nederlandse Irak-steun en de benoeming van De Hoop Scheffer rammelt en hij zegt nu dat hij zijn archief misschien nog even moet raadplegen.
De ironie is dat de positie van Balkenende 2009 zo langzamerhand steeds meer op die van Saddam Hoessein 2003 begint te lijken. Eenzaam. Beklagenswaardig. Onhoudbaar.
'We hebben nu zestien debatten met de Tweede Kamer over deze kwestie gevoerd, u heeft nu alle informatie die u nodig heeft!' roept het kabinet. (We hebben zestien resoluties tegen Saddam Hoessein aangenomen, bezwoer het kabinet in 2003, een nieuwe resolutie is niet nodig.)
'Wij hoeven niet te bewijzen dat Irak die massavernietigingswapens wel heeft, Saddam moet aantonen dat hij ze níét heeft!' herhaalt het kabinet sinds 2003. (Wíj hoeven niet te bewijzen dat Balkenende iets achterhoudt - Balkenende moet aantonen dat hij niets achterhoudt, roepen de voorstanders van een Irak-onderzoek nu).
'Saddam heeft nog 128 vragen onbeantwoord gelaten,' schreef het kabinet in maart 2003, 'hij heeft verzuimd de laatste strohalm te grijpen.' (Balkenende heeft in antwoord op de ruim honderd vragen uit de Eerste Kamer de mist alleen maar groter gemaakt, zegt nu zelfs de VVD, 'hij moet nu echt de laatste kans grijpen om duidelijkheid te geven').
'De inspecteurs van dr. Blix mogen heel Irak doorzoeken, maar we willen wel van tevoren weten naar welke plaatsen ze gaan,' zei Saddam destijds. 'De leden van de commissie-Davids mogen iedereen horen,' zei Balkenende afgelopen maandag, maar voor een parlementaire enquête (eedgebonden) voelt hij niets.
'Jammer dat er geen massavernietigingswapens zijn gevonden,' vond het kabinet in 2003, 'maar het ging ons erom dat Saddam de resoluties niet naleefde.' Jammer dat het onderzoek weinig heeft opgeleverd, zeggen de voorstanders van het Irak-onderzoek straks misschien. 'Maar het ging ons erom dat hij niet wilde toegeven.'