Research
Articles
Schröder moet relatie met VS herstellen
Het is te simpel om de problemen tussen de VS en Duitsland uitsluitend te wijten aan de opstelling van Schröder en zijn minister van Buitenlandse Zaken Fischer in de kwestie-Irak. Er rezen al problemen toen George W. Bush tot president werd gekozen. Voor Schröder was dat een teleurstelling. Het Amerikaanse Instituut voor Moderne Duitse Geschiedenis in Washington voorspelde bij de inauguratie van Bush (2001) dat het Duitse beleid ten aanzien van Irak, Iran, wapenbeheersing en het milieu met de beleidsvoorstellen van Bush zouden botsen.
Toch waren er ook aanwijzingen dat het met een mogelijke tweespalt tussen beiden wel los zou lopen. In het team van Bush namen veel oudgedienden plaats die onder meer bij de val van de Muur en de vereniging van Duitsland betrokken waren. Van Powell, Cheney, Rice, alsook minister van Defensie Rumsfeld, ooit ambassadeur bij de NAVO en later minister van Defensie onder president Reagan, mocht Duitsland soepelheid verwachten.
Niets bleek minder waar. In snel tempo ontstonden tussen de VS en Duitsland stevige meningsverschillen. Duitsland en de VS waren het onder meer oneens over de aanpak van het broeikaseffect. De 'doodverklaring' van het Kyoto-protocol door Bush viel slecht in het milieubewuste Duitsland. Bush wilde een verdediging tegen inkomende raketten, terwijl Duitsland vasthield aan het met de Russen gesloten verdrag tegen raketten (ABM-verdrag uit 1972) dat daardoor in gedrang zou komen. Rusland had tegen de dreigende opzegging van het ABM-verdrag grote bezwaren gemaakt. Duitsland wilde de goede relatie met Rusland niet op de proef stellen. Bush liet bij zijn aantreden doorschemeren dat hij de VS-troepen uit de Balkan wilde terugtrekken; Rumsfeld sprak zijn twijfel uit aan het nut van de VS-aanwezigheid op de Balkan.
Duitsland was zeer verontrust, omdat stabilisering van de Balkan een belangrijke doelstelling was. De onverzoenlijke houding van de VS jegens Iran ging in tegen de verzoenende Iran-politiek van Schröder en Fischer. Het plan van de VS om Irak binnen te vallen ontlokte aan Schröder een felle tegenreactie. Voorts bestond er bij de rood-groene regering grote irritatie omdat Bush op zijn eerste Europese reizen Berlijn oversloeg.
De Amerikaanse ambassadeur Dan Coats schopte Duitsland in de hearing van de Senaat van 31 juli 2001 krachtig tegen de schenen. Hij wilde dat Duitsland ophield met zijn retorische praatjes in de NAVO, maar wel met meer middelen over de brug zou komen. De zeer felle reactie van Schröder op de Irak-plannen van Bush waren het zoveelste incident dat de relatie tussen de VS en Duitsland belastte. De Duitse stellingname om hoe dan ook buiten een nieuwe Golfoorlog te blijven leidde in de VS tot zeer negatieve reacties. De Washington Post verweet Schröder in een hoofdartikel op 17 september dat hij Duitsland met zijn opstelling geen dienst had bewezen. Hoewel hij goede redenen had om niet aan een oorlog tegen Irak deel te nemen, staat Schröder volgens de krant met zijn 'nee' tegen de VS aan 'het hoofd van een regering wier internationale prestige en invloed snel is verkleind.' Ook al gaat de mars van Bush tegen Saddam als gevolg van internationale druk op dit moment nog over de VN en al wil Irak nu wel wapeninspecteurs toelaten, de dreiging van een nieuwe Golfoorlog is niet weggenomen, omdat de VS de intenties van Irak niet vertrouwen.
Indien de Irakese chicanes uiteindelijk toch tot een oorlog met de VS en hun bondgenoten leiden, dan kunnen Schröder en Fischer het zich - gezien hun eerdere opstelling - niet veroorloven om aan een aanval op Irak mee te doen. Zelfs een symbolische deelname met schepen in de Perzische Golf, past niet in hun opvatting. De financiering van een militaire actie is evenmin een optie, omdat Duitsland zich geen extra uitgaven van enige omvang kan veroorloven. Toch hebben Schröder en Fischer nog enige politieke bewegingsruimte om zich uit deze situatie een weg te banen:
Op Duits grondgebied liggen Amerikaanse bases die de VS graag als tussenstop bij een aanval op Irak wil gebruiken. De belangrijkste is de vliegbases Ramstein. Duitsland zal het gebruik van deze bases door de VS niet blokkeren.
Schröder en Fischer bieden aan om de leiding van de vredestroepen in Afghanistan op zich te nemen. Een voorstel om daartoe het Duits-Nederlands Corps in te zetten kreeg geen enthousiast onthaal, maar het zou Duitsland meer ruimte verschaffen om naast de eigen omvangrijke inspanningen in de Balkan, de Hoorn van Afrika en Afghanistan nog meer verantwoordelijkheid in Afghanistan te dragen.
Duitsland kan de VS voorstellen om een substantiële bijdrage te leveren aan de opbouw van een civil society in Irak tijdens het post-Saddam-tijdperk. Op zo'n werkverdeling - Amerika vecht, Europa bouwt - zinspeelde de minister van Buitenlandse Zaken Powell op een persconferentie in Brussel op 27 februari 2001. Hij wilde dat de rollen van de bondgenoten in de Balkan dan wel beter verdeeld zouden worden. Europa diende 'een strategie te ontwikkelen en implementeren die aan een vredesordening in de Balkan de juiste richting zou geven.' Duitsland heeft op dit terrein veel expertise opgebouwd, met name in Bosnië, Kosovo en Macedonië, en het is dan ook in staat in Irak het voortouw te nemen.
De vraag is of Bush aan Schrödernog enige politieke speelruimte gunt. De vooruitzichten zijn niet veelbelovend. Door de tijd is weliswaar een aantal van de genoemde geschilpunten tussen de VS en Duitsland, zoals het conflict om het ABM-verdrag, geheeld. Maar Kyoto blijft een geschilpunt, vooral nu de Groenen electoraal sterker zijn geworden. Herstel van het vertrouwen tussen de VS en Duitsland is geboden. Want matiging van de absolute, hegemonistische strevingen van de VS heeft meer kans binnen een redelijke verstandhouding dan vanuit een geïsoleerde anti-Amerikaanse houding.