Research

Europe and the EU

Op-ed

General acclaim for our European Presidency

17 Mar 2016 - 11:54
Source: EU2016 NL/flickr.com

Ons EU-voorzitterschap wordt alom geroemd

Europese onderhandelaars bewonderen de energie waarmee Nederland het voorzitterschap bekleedt.

Een goed EU-voorzitterschap bestaat eigenlijk niet. Of een land maakt er een potje van en dan worden Europese ruzies en foute inschattingen breed uitgemeten in de pers en op de Europese podia. Of de voorzitter doet het naar behoren en dan valt er geen eer aan te behalen.

Een goed voorzitterschap blijft onzichtbaar voor het publiek. Het Nederlandse voorzitterschap in 1991, dat leidde tot het Verdrag van Maastricht, zit in de categorie 'afgangen', terwijl andere onopgemerkt bleven. Een voorzittend land heeft zo bezien een prikkel om risico's te mijden en de kantjes er af te lopen.

Besmet Europees imago

Het Nederlandse voorzitterschap valt in een tijd dat de EU aan alle kanten wankelt en lidstaten elkaar de tent uitvechten. Opvang, tegenhouden, verdelen en financieren van vluchtelingen en de onderhandelingen met de Turken, verdelen de EU tot op het bot. De Britten vragen vergaande concessies om hun referendum te vergemakkelijken, maar vinden België als federalistische dinosaurus tegenover zich. De Italiaanse premier Renzi irriteert zijn Europese collega's met pleidooien voor economische flexibiliteit en hij wil niet meebetalen aan vluchtelingenopvang omdat hij thuis een verslechterend Europees klimaat het hoofd moet bieden. Intussen blijft de Europese werkloosheid hoog en dreigt in Italië, Griekenland en Frankrijk nog steeds de eurocrisis.

Daarbij heeft Nederland een besmet Europees imago, onder andere, omdat wij met Pim Fortuyn voorop liepen in de euroscepsis en omdat Rutte I gesteund werd door Geert Wilders. Nederland werd in 2011 door The Financial Times betiteld als het meest 'obstructieve' EU-land en de Britse ambassadeur vond dat wij ons achter de dijken terugtrokken.

Ook nu staat de PVV bovenaan in de peilingen en bovendien staan we aan de vooravond van het referendum over Oekraïne, waardoor Europese kwaliteitskranten rapporteren dat wij steeds meer anti-EU worden. Om de Nederlandse bevolking niet te tarten, benadrukt Rutte waar mogelijk dat dit een bescheiden voorzitterschap is.

Leiderschap

Met deze staat van de Unie is Europees leiderschap essentieel. En juist daar ontbreekt het aan. De Frans-Duitse motor hapert omdat Merkel met haar welkomspolitiek vleugellam is en Hollande zijn restje status hard nodig heeft om de Franse arbeidsmarkt te hervormen en Le Pen te beteugelen.

Helaas kent ook de president van de Europese Raad, Donald Tusk, zijn beperkingen. Zijn imago wordt in Brussel eufemistisch omschreven als 'hij is geen Van Rompuy'. Sowieso werd zijn tijd opgeslorpt door de Brexit-onderhandelingen en is zijn staf niet berekend op technische onderhandelingen over rechten van asielzoekers, maritieme kustbewaking en Turkse gevoeligheden.

Rutte en de andere betrokken ministers zouden onder deze omstandigheden voor een low profile kunnen kiezen en de tijd zijn werk laten doen. Dat doen zij niet. Uit een rondgang onder Europese onderhandelaars blijkt veel bewondering voor hun energie.

Visie

In tal van onderhandelingen is Nederland het oliemannetje. Rutte stopt soms het merendeel van zijn week in het masseren van hoofdsteden en Nederlandse teams reizen heen en weer tussen Ankara, Athene, Parijs, Berlijn, Londen en Brussel.

Niet Tusk, maar Rutte deed de voorbesprekingen met Turkije samen met Merkel. Sommigen vonden Rutte hierin zelfs te betrokken, maar een eerste deal kwam er wel. Intussen wordt de versterking van marktwerking niet vergeten. Er is brede erkenning voor de aanpak die uitstijgt boven de formele rol van het voorzitterschap. De Nederlandse kundigheid en oplossingsgerichtheid worden geroemd.

Halverwege het voorzitterschap lijken alle puzzelstukjes in elkaar te vallen. Nederland wordt vertrouwd omdat het begrip kan tonen voor elke positie, variërend van die van Merkel (inzet op Turkije, respect voor mensen- rechten), Oostenrijk (grenzen dicht) tot Oost-Europese landen (liefst geen vluchtelingen). Op andere terreinen trekt de regering nauw op met Commissiepresident Juncker en met de president van het EP, Schulz. De relatie met de Commissie is zo nauw dat Juncker concludeerde dat er zelfs geen nuanceverschillen bestaan.

Tot voor kort leek het uitgesloten dat Nederland een bindende factor zou kunnen zijn in het verscheurde Europa. Nu is gebleken dat Rutte toch wel enige visie heeft: crises moeten op EU-niveau worden opgelost. Achter de bescheidenheid schuilt zowaar een poging tot leiderschap. Nu moet blijken of het tot resultaten leidt.

Zie hier de volledige publicatie in De Volkskrant.