Op-ed
14 November 2024

De nieuwe realiteit waarin de EU zich bevindt is welhaast onvoorstelbaar

AI generated

Dit is een externe publicatie door het NRC Handelsblad van 10 november 2024. Lees de originele publicatie hier

De tijden zijn veranderd, ook voor EU, zien Arthur van Riel en Adriaan Schout. Maar is Brussel ook bereid het ideaal van de Ever Closer Union los te laten?

Deze weken worden de nieuwe Eurocommissarissen ondervraagd door het Europese Parlement, waarna de tweede Commissie-Von der Leyen eindelijk aan de slag kan. Nu moet duidelijk worden hoe de EU verdergaat met omstreden zaken, zoals haar hoge milieuambities, migratiebeperking, Europees defensiebeleid, verdere uitbreiding en industriebeleid. Ook moet er een nieuwe EU-begroting komen om alle ambities te financieren. Dat betekent opnieuw gespannen onderhandelingen.

De afgelopen Commissie-Von der Leyen (2019-2024) was wellicht de meest ambitieuze Commissie uit de geschiedenis van de EU. De even gevoelige als vage Europese waarden stonden hoog op de prioriteitenlijst en de Commissie formuleerde ambitieuze natuur- en milieudoelen, uitgaand van een verregaande maakbaarheid van de Europese samenleving. Daarnaast verdubbelde de EU-begroting, met het door eurobonds gefinancierde coronanoodfonds. De oorlog in Oekraïne, de spanningen rond China en de schaduw van Donald Trump verscherpten de ambities op het gebied van Europese defensie, industriebeleid en geopolitieke slagkracht. Deze ambities vloeien nu over in de nieuwe Commissie.

In het verleden leidden zulke sterke ambities nog wel eens tot tunnelvisie. De interne markt werd voorgesteld als dé grote verdienste van de Europese integratie en als motor van de welvaartsgroei. Het Centraal Planbureau berekende dat de interne markt ons allen één maandsalaris extra oplevert, en de euro één weekloon. Kritiek op de interne markt en het bijbehorende gelijktrekken van wetten en regels, of twijfels over de houdbaarheid van open grenzen, werden gelijkgesteld aan euroscepsis. Ook was er weinig oog voor twijfels over draagvlak en werkbaarheid van het Europese natuur- en milieubeleid.

Eerste schok

Het Europese gesternte lijkt nu te veranderen. De eerste schok kwam in 2005 met het veto tegen de Europese grondwet in onder andere Nederland. De tweede schok was de Brexit. Hoewel toenmalig premier Mark Rutte aandrong op zelfreflectie, was het Europese antwoord in 2019 toch vooral om met hernieuwd elan de integratie verder te verdiepen.

De sfeer van verandering drong pas echt door in de Brusselse vergaderzalen na de boerenprotesten en de verkiezingsoverwinning vorig jaar van de BBB in alle provincies in Nederland. De electorale dreiging kwam stevig binnen bij de Europese christen-democraten van Von der Leyen. Twijfels over haalbaarheid en draagvlak van duurzaamheidsambities, gezag over eigen grenzen, en grote fondsen van twijfelachtige kwaliteit tekenen nu de start van de nieuwe Commissie. Anderen zoeken intussen juist geopolitieke eenheid nu Trump terug is.

Special place in hell

Inmiddels is sprake van een voorheen welhaast onvoorstelbare nieuwe realiteit. De hoofdrolspelers in de afwikkeling van de Brexit zijn nu premier in respectievelijk Polen en Frankrijk, en nemen maatregelen die in brede kring gezien worden als strijdig met het Europees recht. De toenmalige president van de Europese Raad, Donald Tusk, was tijdens de Brexit nog tegen cherry picking en wenste de ongelovige Britten een „special place in hell. Hij en de EU-onderhandelaar voor de Brexit, Michel Barnier, eisen nu méér flexibiliteit dan de toenmalige Britse premier David Cameron deed voorafgaand aan de Brexit.

Intussen is ook duidelijk geworden dat slogans als ‘geopolitieke autonomie’ en ‘Europese veiligheid’ goed klinken, maar dat Spanje zacht gezegd minder betrokken is bij Oekraïne dan de Baltische landen, Ierland heel anders denkt over Israël dan Duitsland, en Hongarije en Italië op de hand zijn van Trump. Zelfs de interne markt wordt nu kritisch bekeken. Duidelijk is dat de Europese welvaartsgroei sinds 2008 steeds verder achterop is geraakt. In zijn recente rapport concludeert Mario Draghi dat de „inconsistente en restrictieve” Europese wetgeving de Europese concurrentiekracht schaadt. Een nieuw gezegde in de techindustrie luidt niet voor niets als volgt: ‘The US innovates, China imitates and the EU regulates’. In de VS wordt inmiddels juist gesproken over verdere deregulering.

Gaan media die integratie verdedigden, nu aan zelfreflectie doen?

Tijden veranderen, maar betekent dat ook dat de Unie bereid is de belofte van de Ever Closer Union los te laten? En zo ja, wat komt daar dan voor in de plaats? Vooralsnog spaart Von der Leyen de kool en de geit. Of er in de EU daadwerkelijk ruimte voor deregulering en nationale verschillen komt, zal ook afhangen van wat er in de lidstaten gebeurt. Gaan bijvoorbeeld de media die verdere integratie als wenselijk en onvermijdelijk hebben gepresenteerd, nu aan zelfreflectie doen? Gaan Europese denktanks bij zichzelf te rade of zij daadwerkelijk onbevooroordeelde analisten zijn geweest? Het sierde de toenmalige directeur van het CPB, Coen Teulings, dat hij in 2014 toegaf dat de winst van de euro te optimistisch was voorgespiegeld.

We lijken verzeild te zijn in een Europese versie van de politieke herbezinning die volgde op de Nederlandse Fortuyn-revolte. Het SCP en anderen vroegen zich toen af of zij een afslag gemist hadden, of dat de kiezersopstand slechts een rimpeling was. De continuïteit heeft het toen gewonnen in Nederland. Ook nu kan de EU neigen naar business as usual, want het aanpakken van bijvoorbeeld de EU-begroting stuit rap op gestolde belangen in de lidstaten, en in Nederland praten over opt-outs is iets anders dan Europees je wil doordrukken. Om recht te doen aan op feiten gestoelde discussies over de EU en aan brede electorale verschuivingen, moeten nationale en Europese instituties kritisch naar hun eigen Europese opstelling kijken. Hernieuwde en breed-gedragen Europese samenwerking begint thuis.

Authors

External authors

Arthur van Riel - Bijzonder hoogleraar Historische Politieke Economie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.