Research

Op-ed

De verantwoordelijkheid te beschermen

11 Feb 2008 - 11:45
Heel lang ging het bij het begrip veiligheid alleen om staten. Internationaal wordt echter steeds duidelijker dat veiligheid van personen een onderdeel is van de vrede en veiligheid in de wereld. Dat roept de vraag op wanneer de verantwoordelijkheid om te beschermen zwaarder moet wegen dan de nationale soevereiniteit.

De mens wordt onderwerp van het veiligheidsbegrip

Veiligheid is na de Koude Oorlog een containerbegrip geworden met vele dimensies. Zo hanteert de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) de begrippen "comprehensive security" en "cooperative security". Het eerste is te vertalen met "alomvattende veiligheid" en betekent dat veiligheid meer is dan alleen militaire veiligheid. De veiligheidspolitieke, de economische, de ecologische en de humanitaire dimensie van de OVSE zijn dan ook nauw met elkaar verweven. "Cooperative security", veiligheid die in samenwerking dient te worden bereikt, neemt als uitgangspunt dat veiligheid een gezamenlijke verantwoordelijkheid is van de betrokken landen of partijen en dat deze daarom niet "tegen" maar "met de ander" tot stand moet worden gebracht. Het blijkt echter moeilijk deze concepten te operationaliseren. Een nieuwe loot aan de veiligheidsboom is "human security". In 1994 introduceerde het "United Nations Development Programme(UNDP)" dit concept. Het bevat twee elementen: vrijheid van angst en vrijheid van noden. In het UNDP-rapport is de relatie tussen de twee begrippen overigens moeilijk is vast te stellen omdat het vrijwel alle aspecten bevat van ontwikkeling en veiligheid. Evenmin is duidelijk hoe in de praktijk ontwikkeling en veiligheid elkaar kunnen versterken. Wel is duidelijk dat in de verschillende opvattingen over "human security" eerder personen dan staten het uitgangspunt zijn en dat veiligheid van personen een integraal onderdeel van internationale vrede en veiligheid moet vormen. De veiligheid van staten is essentieel, maar niet voldoende om de veiligheid en het welzijn van mensen te verzekeren.

Is voor bescherming van mensen geweld geoorloofd?

Nieuw binnen de "human security" is de "responsibility to protect" (de verantwoordelijkheid om te beschermen). Op initiatief van de Canadese regering heeft de 'International Commission on Intervention and State Sovereignty' enkele jaren geleden nagedacht over hoe de internationale gemeenschap zou moeten reageren op crises zoals in Rwanda en Darfur. Niet het recht op interventie maar de verantwoordelijkheid om te beschermen, vormt het uitgangspunt van de commissie. Het schild van de soevereiniteit mag nooit een vrijbrief zijn voor de onderdrukking van de eigen bevolking. Wanneer een staat zijn burgers niet kan of wil beschermen, krijgt de wereldgemeenschap hiervoor de verantwoordelijkheid. Voortbordurend op deze studie verscheen in 2004 het in opdracht van de secretaris-generaal van de VN vervaardigde rapport "High-Level Panel on Threats, Challenges and Change". Dit rapport noemt vijf basiscriteria voor het uitoefenen van geweld. Zij doen sterk denken aan de leer van de rechtvaardige oorlog:

  • De ernst van de dreiging. Is het gevaar voor de veiligheid van een staat of voor de "human security" zodanig duidelijk en serieus, dat geweld "prima facie" te rechtvaardigen valt? In het geval van interne dreigingen: is genocide, moord op grote schaal, etnische zuivering of zware schending van het internationaal recht aan de orde of dreigt dit onmiddellijk?
  • Het juiste doel. Is duidelijk dat het hoofddoel van de voorgestelde militaire actie is het stoppen van een van bovengenoemde dreigingen, ongeacht mogelijke andere doelen of motieven die een rol kunnen spelen?
  • Het uiterste middel. Zijn alle niet-militaire middelen gebruikt en kan men redelijkerwijs stellen dat zij niet zullen werken?
  • De Proportionaliteit. Vormen schaal, duur en intensiteit van de voorgestelde militaire actie het noodzakelijk minimum om de dreiging in kwestie het hoofd te bieden?
  • Het afwegen van de consequentie. Is er een redelijke kans dat de militaire actie de dreiging met succes kan afwenden, waarbij de gevolgen van de actie niet erger zijn dan de gevolgen van niets doen?

De slotverklaring van de Wereldtop van 2005 van de Verenigde Naties wijdt weliswaar twee hele paragrafen aan 'the responsibility to protect', waarmee ook binnen de internationale gemeenschap dit concept vaste voet aan wal heeft gekregen, maar de vijf basiscriteria van het "High Level Panel" zijn helaas niet in de slotverklaring opgenomen. Een belangrijke paragraaf in de concept-slotverklaring, die vroeg de vijf permanente leden van de Veiligheidsraad hun vetorecht niet te gebruiken in gevallen van genocide, misdaden tegen de menselijkheid, etnische zuivering en oorlogsmisdaden, haalde het evenmin.

"Human security"-ontwikkelingen in Europa

Op verzoek van Javier Solana is een studie verricht met als titel: "A Human Security Doctrine for Europe". De doctrine, vooral gericht op "vrijheid van angst", bepleit onder meer de oprichting van een "Human Security Response Force" met ruwweg de omvang van een divisie (15.000 personen), voor twee derde bestaande uit militairen en voor een derde uit burgers zoals politiemensen, douanebeambten, administrateurs en mensenrechtenspecialisten. Een derde zou een hoge paraatheid moeten hebben, voor de rest zou een lagere paraatheid voldoende zijn. Inzet van "task forces" van ongeveer vijfhonderd personen en toegesneden op de situatie,moet op heel korte termijn mogelijk zijn. Zij moet het recht kunnen afdwingen in situaties van ernstige onveiligheid (genocide, verhongeren, ernstige mensenrechtenschendingen), binnen het kader van de VN. "A Human Security Doctrine for Europe" heeft vooralsnog geen enkele officiële status. Er is blijkbaar nog onvoldoende politieke wil binnen de Europese Unie om het op de agenda van de Europese Raad te zetten. Zoals Afghanistan aantoont, heeft de geïntegreerde inzet van civiele en militaire middelen de toekomst, reden voor Solana om een vervolgstudie aan te kondigen. Zo lijkt het concept van "human security" toch meer en meer aan belang te winnen.