Research

Op-ed

Frans Defensie Witboek: behoedzaam compromis

14 Oct 2013 - 10:57
Source: Ministerie van Defensie Frankrijk

Traditioneel zijn de Franse strijdkrachten altijd belangrijk geweest in het Franse streven naar grandeur en de status van grote mogendheid. Zo is de wereld eraan gewend geraakt om Franse strijdkrachten sinds de Franse Revolutie overal ter wereld gestationeerd te zien.

De mondiale ontplooiing van Franse strijdkrachten - met een vanzelfsprekende bereidheid om indien noodzakelijk te interveniëren - is dan ook een van de belangrijkste instrumenten die Franse politieke leiders gebruiken in hun buitenlandbeleid. De interventie in Mali dit voorjaar is daar weer een markant voorbeeld van. De status van grote mogendheid wordt bovendien voor een belangrijk deel ontleend aan haar kernmacht, de force de frappe, die nog steeds een hoeksteen vormt van het Franse veiligheids- en defensiebeleid.

Ondanks de financiële situatie in Frankrijk koestert het land nog steeds grote ambities, zoals blijkt uit het eerder dit jaar verschenen Franse Defensie Witboek. Aanleiding voor de opdracht van president Hollande om een commissie in te stellen voor dit nieuwe Witboek (het vorige dateert uit 2008) was een aantal belangrijke mondiale gebeurtenissen. Zo kunnen genoemd worden de economische crisis, de verplaatsing van het Amerikaanse strategische zwaartepunt naar de Stille Oceaan en de opstanden van de bevolking in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Frankrijk is naast het Verenigd Koninkrijk de belangrijkste militaire mogendheid in Europa en het land is een onmisbare actor in de Europese geopolitiek. Het is misschien ook het enige land dat de kloof kan overbruggen tussen twee isolationistische trends die Europa bedreigen, namelijk de Britse verwijdering van de Europese Unie en de stemming van strategisch isolationisme die in de meeste Europese landen heerst – misschien vooral in Duitsland. Wanneer hier geen ommekeer plaats vindt, dreigt Europa geostrategisch irrelevant te worden.

Het Defensie Witboek

Alle reden dan ook om in het kort het nieuwe Franse Defensie Witboek nader te belichten. In de eerste plaats reduceert Frankrijk haar defensiebudget van 1,9% tot 1,76% van het BNP, exclusief pensioenen. Dat betekent dat 364 miljoen euro is uitgetrokken voor de periode 2014-2025, waaronder 179 miljard euro voor de periode 2014-2019. Hoewel dit een nog verdere verschuiving van de NAVO-doelstelling van 2% van het BNP betekent, zijn de reducties toch minder groot dan werd gevreesd. In de tweede plaats stelt het Witboek een personele reductie van 24.000 mannen en vrouwen voor in de periode 2016-2019, in aanvulling op de reductie van 10.000 personen die reeds gepland was tot 2015. Hiermee zal de het totale personeelsbestand van de Franse krijgsmacht dalen tot 185.000 militairen in 2019. In de derde plaats zal Frankrijk een grote cyberaanval als een oorlogsdaad beschouwen. Een bevelsketen zal worden gecreëerd om offensieve cybercapaciteiten als deel van de Generale Staf te ontwikkelen, terwijl defensieve capaciteiten gecoördineerd zullen blijven op interministerieel niveau. Ten vierde zal er een meer operationele focus komen op inlichtingen, waaronder een groeiende investering in surveillance drones. Gevechtsvliegtuigen en onbemande vliegtuigen zullen in toenemende mate complementair zijn aan elkaar.

Terwijl het vorige Witboek een ‘crisisboog’ in het Midden-Oosten van strategisch belang achtte, is dit nu het geval met Afrika. De verschuiving in prioriteiten is primair gebaseerd op de neergang van Al Qaida in het Midden-Oosten en ontwikkelingen na de Arabische Lente in de Sahel en Noord-Afrika. De Franse primaire focus op de geografische strook van Guinee tot Somalië is in beginsel complementair aan de Britse concentratie op de Perzische Golf en Indische Oceaan.

In het algemeen is de toonzetting van het Witboek die van een behoedzaam compromis. Hoe de financiële reducties zullen uitpakken wordt dit najaar duidelijk wanneer de wet op de militaire programmering meer in detail de keuzes voor capaciteiten voor de periode 2014-2019 bepaalt. Naar verwachting zullen vooral landstrijdkrachten, zwaar pantser en transportvliegtuigen getroffen worden. De nota stelt het Franse nucleaire programma niet ter discussie (11% van het defensiebudget). De Franse kernmacht zal blijven bestaan uit onderzeeboten met nucleaire raketten en nucleaire lucht-grondwapens voor de Rafale gevechtsvliegtuigen. De status van de force de frappe en de wapenindustrie worden gezien als de kroonjuwelen van de Franse totale strategie. Niettemin zou de Franse kernmacht de komende jaren meer vragen kunnen gaan oproepen, gezien de voortdurende budgettaire druk en ook vanwege een toenemend aantal voormalige autoriteiten en invloedrijke analisten die het gebrek aan debat hierover aan de orde stellen. Het Witboek is representatief voor de context waarin het is voorbereid. De Franse militaire ontplooiing in Mali dit voorjaar toonde de behoefte aan van een militaire capaciteit om Franse strijdkrachten onafhankelijk te kunnen ontplooien in het buitenland. Dit omdat het bij de meeste partners in Europa ontbreekt aan capaciteit en wil om substantieel aan de Franse inspanningen bij te dragen. Zo leverde Nederland door gebrek aan consensus in het kabinet geen bijdrage aan de operatie in Mali.

NAVO en EU

Nederland komt overigens in het Witboek slechts twee keer voor. De ene keer wanneer het Europese partners met belangen in het Caribische gebied betreft; de andere keer wanneer het Witboek de Benelux noemt als goed functionerend verband voor nauwere defensiesamenwerking. Het Defensie Witboek noemt de NAVO en het Gemeenschappelijk Veiligheids- en Defensiebeleid van de EU als de twee hoofdpilaren van het Franse militaire beleid. Het beschouwt de NAVO en de EU als complementair. De Franse terugkeer in de geïntegreerde militaire structuur van de Alliantie wordt gezien als een gelegenheid de structuren van de verschillende agentschappen en processen te stroomlijnen. De deelname in het Allied Command Transformation (onder leiding van een Franse generaal) in Norfolk, bevestigt het groeiende Franse belang in de rol van de NAVO op het gebied van concepten en ontwikkeling van capaciteiten. Met andere woorden, Frankrijk ziet de NAVO niet zozeer als een politieke bedreiging voor Europese autonomie, maar als een middel om meer expeditionaire concepten en capaciteiten in het Europese Gemeenschappelijk Veiligheids- en Defensiebeleid te verkrijgen. Gezien haar belangrijke ambities, ziet Frankrijk de Europese Unie vooral als een force multiplier, d.w.z. als een middel om invloed op het wereldtoneel uit te oefenen en deze te vergroten. Dit is ook wat de Britse premier Macmillan bedoelde toen hij zei dat de Gaulle vaak ‘Europa’ zei, maar ‘Frankrijk’ bedoelde. Waarvan akte!