Research
Op-ed
Den Haags eigen 'little surge'
Dat is ook de gedachte achter Nederlands eigen little surge, nu de taliban een kordon om Deh Rahwood leggen. In twee weken tijd is het perspectief op de veiligheidssituatie drastisch veranderd. Er wordt niet meer gesproken van incidenten, en van groepjes talibanstrijders die voor de winter nog wat succesjes willen scoren. Nee, Nederlandse militairen spreken over goedgeorganiseerde aanvallen, prijsgeven van terrein, gericht schietende tegenstanders en van gevechten tegen ervaren buitenlanders zoals Pakistani, Tsjetsjenen, Arabieren en Bosnische veteranen. Over die laatste gesproken: een wranger rendez-vous met de strijders die ooit in en rond Srebrenica tegen dezelfde vijand aankeken als Dutchbat is moeilijk denkbaar.
Er zijn verschillen, maar onwillekeurig dringt de vergelijking met Srebrenica zich op. Twaalf jaar geleden deed Nederland een beroep op de Verenigde Naties om overrompeling door de Serviërs af te wenden. Maar er kwam geen luchtsteun en Den Haag zwoer dat zoiets nooit weer zou gebeuren. En hoe is het nú gegaan? Nederland vroeg de NAVO om pelotons, maar uiteindelijk ging het andersom: de NAVO vroeg en kreeg ze van Nederland.
En het leek allemaal zo goed geregeld. In de beroemde aanbiedingsbrief van 22 december 2005, die tot de uitzending naar Uruzgan leidde, verzekerde het kabinet-Balkenende III dat Nederland niets kon gebeuren. Nederland zou in eerste instantie kunnen vertrouwen op Amerikaanse en Canadese manoeuvre-eenheden. Als die het te druk hadden, dan konden we rekenen op de snelle reactiemacht van de NAVO. En als die even niet thuis gaven, was daar de Strategic Reserve Force, die de opperbevelhebber van de NAVO kan optrommelen. En als dat allemaal nog niet genoeg zou zijn, beschikte Nederland over een aparte Amerikaanse veiligheidsgarantie.
En nu moet Nederland toch zijn eigen pelotons invliegen. Misschien zullen in Tarin Kowt, vijftig kilometer verderop, een aantal Britse Ghurka's komen helpen bij een ander probleem, de bestrijding van taliban in de Baloechivallei. Van een dreigende overrompeling van Deh Rahwood is kennelijk geen sprake, hoewel vice-premier Wouter Bos op vrijdag 29 september van een 'buitengewoon zorgelijke' situatie sprak.
Laten we er maar het beste van hopen. Doorslaan in pessimisme hoeft ook niet, groot verschil met Srebrenica is dat nu desnoods hardhandig een eind gemaakt kan worden aan het talibanoffensief door in te roepen luchtsteun. Als het moet kan Nederland F-16's en Apaches aan het bevel van de NAVO onttrekken om de inktvlekken, die twaalf jaar geleden 'enclaves' werden genoemd, te redden. Dat zal niet zachtzinnig (kunnen) gaan, vanuit de lucht kan het verschil tussen een Talibanstrijder of burger nu eenmaal niet worden vastgesteld. Talibanstrijders gebruiken burgers als menselijk schild, zoals deze zomer in Chora al bleek. Of de stroom vluchtelingen naar Deh Rahwood daarop al anticipeert, is niet duidelijk, maar zou mij niet verbazen.
En wat vindt de internationale gemeenschap intussen zelf? Op 21 september verscheen de jongste rapportage van Ban Ki-moon, waaraan in de pers vrijwel totaal voorbij wordt gegaan. Dat er nu strijd wordt gevoerd tegen een betere vijand die bovendien steeds vaker wordt aangevoerd door 'buitenlandse commandanten' moeten we, enigszins kronkelig, vooral zien als een gevolg van het succes van de ISAF-strijd tegen de taliban. Dat is precies de 'Amerikaanse' redenering achter de surge in Irak. Omdat het beter gaat, worden de rebellen in het nauw gedreven, dus gevaarlijker. Maar de cijfers over 2007 liegen niet, het VN-rapport zegt ook dat 'the rates of insurgent and terrorist violence are at least 20 percent higher than in 2006'.
En hoe zit het met die andere missie, de wederopbouw? Op een andere, net verschenen lijst van de Verenigde Naties staat Afghanistan op de honderdvierenzeventigste plaats wat betreft ontwikkeling, slechts vier landen doen het slechter. Wil dit alles zeggen dat we er weg moeten? Nee, we zitten midden in de shit, en de woorden van NAVO-baas De Hoop Scheffer ('Nederland kan niet weg') moeten nog letterlijker worden genomen dan hij ze misschien bedoelde. Na het zuur, nog zuurder.