Research
Articles
Derde Wereld hoort bij premier
Er is echter een tweede taak voor Ontwikkelingssamenwerking: het bevorderen van coherent beleid gericht op duurzame armoedebestrijding. Daarbij gaat het niet om de hulp, maar om beleid op voor ontwikkelingslanden veel ingrijpender terreinen als internationale handel, landbouw en wapenleveranties. Daarop gaat van de degradatie tot staatssecretaris wel een funeste invloed uit. Als er al sprake is van deelname aan overleg in de ministerraad praat een staatssecretaris, in tegenstelling tot een minister, niet op voet van gelijkheid met zijn of haar collega's. De door oud-minister Van de Broek gesuggereerde oplossing van een staatssecretaris die zich in het buitenland minister mag noemen, is minder dan een doekje voor het bloeden. Het gaat immers om het in het kabinet vast te stellen beleid. Daarbij helpt een visitekaartje dat niet in Den Haag maar alleen in het buitenland gebruikt mag worden, niets. Verlies van politieke invloed is gegarandeerd.
Het is voorstelbaar dat een nieuw kabinet de politieke keuze maakt om minder aandacht te geven aan de Derde Wereld en zich daarbij weinig gelegen laat liggen aan het daarvoor nog steeds aanwezige brede draagvlak in de samenleving. Maar het Strategisch Akkoord van informateur Donner doet dat zeker niet. Niet alleen wordt de hulpomvang op 0,8 procent van het bruto nationaal product gehandhaafd, ook wordt in de vaststelling van het belang van vrijhandel voor ontwikkelingslanden duidelijk gekozen voor coherent beleid. Het getuigt dan niet van een consistente opstelling om tegelijkertijd de ministerspositie op te heffen die dat coherente beleid van de grond moet zien te krijgen. Het is van tweeën één: of de op voorhand ingebouwde weeffout wordt alsnog hersteld en er komt toch weer een minister voor Ontwikkelingssamenwerking in het kabinet-Balkenende, of de nieuwe staatssecretaris krijgt een zodanige positie dat ernst kan worden gemaakt met het streven naar coherent beleid. Dat laatste kan eigenlijk alleen maar als die nieuwe staatssecretaris wordt toegevoegd aan de minister-president. Het hulpprogramma zou bij Buitenlandse Zaken kunnen blijven.
Dit is geen luchtfietserij. Zo zijn ook stemmen opgegaan voor het plaatsen van de staatssecretaris van Europese Zaken bij de minister-president op het ministerie van Algemene Zaken. Ook deze staatssecretaris heeft een belangrijke taak in het bevorderen van een coherente Nederlandse opstelling, waarbij verschillende deelbelangen moeten worden afgewogen en waarbij ook hij of zij met ministers in de slag moet.
Een traditioneel opgezet ministerie van Buitenlandse Zaken is niet de juiste plaats voor bewindslieden die als opdracht hebben coherentie te bevorderen op het snijvlak van nationale en internationale beleidsterreinen.