Research
Articles
Door bezuiniging zakt krijgsmacht door het ijs
Dat neemt niet weg dat de Nederlandse krijgsmacht met deze bezuinigingen door het ijs is gezakt. Door de reducties komen delen van de krijgsmacht onder een kritisch minimum, worden gezonde onderdelen geamputeerd, gaan noodzakelijke uitbreidingen niet door en zijn voorgenomen investeringen niet zeker.
Ruwweg zijn er twee methoden om te snijden: ?kaasschaven? en onderdelen afstoten. Tot nu toe ben ik voorstander geweest van het hanteren van de kaasschaaf omdat er geen objectieve reden is voor het afschaffen van welk onderdeel dan ook. Alle onderdelen van de krijgsmacht kunnen taken in uiteenlopende scenario?s verrichten. Dat blijkt uit het feit dat alle onderdelen de afgelopen jaren daadwerkelijk zijn ingezet. Nu verdwijnen de maritieme patrouillevliegtuigen die, mits omgebouwd tot grondwaarnemer, uitstekende diensten boven Afghanistan en de Balkan verrichtten.
Maar kaasschaven kan slechts tot een kritische minimumomvang. Deze wordt bepaald door de bijdrage die Nederland aan internationale operaties wil leveren, internationale verplichtingen, de noodzakelijke aflossing van ingezette eenheden om deelname gedurende enkele jaren te kunnen volhouden en de beschikbaarheid van middelen. Wat dat laatste betreft: er liggen altijd één of twee fregatten in het dok voor onderhoud.
Vrijwel alle onderdelen van de krijgsmacht zitten nu reeds aan een kritische minimumomvang. Door verder te kaasschaven wordt onze internationale bijdrage in toenemende mate symbolisch van aard of kan deze minder lang worden volgehouden.
De minimumomvang heeft ook te maken met bedrijfseconomische en doelmatigheidsredenen. Neem de onderzeedienst. Die bestaat momenteel uit vier boten. Om die boten in de vaart te houden is een disproportionele inspanning nodig, variërend van logistiek en onderhoud tot het opleiden van personeel. Feitelijk zit de onderzeedienst al beneden zijn kritische omvang, maar omdat het een veelzijdig middel voor vredes- en gevechtsoperaties is, werd het behouden. Door de voorgestelde maatregelen komen nu meer onderdelen onder de kritische ondergrens. De exploitatie ervan wordt disproportioneel duur en holt daardoor andere onderdelen uit. Een oplossing is meedogenloos snoeien in infrastructurele projecten, waarvan de Landmacht er alleen al ruim driehonderd heeft. Op termijn lijkt het noodzakelijk om land- en luchtmacht op elk één basis te concentreren. Wat dat betreft is het afstoten van legerbasis Seedorf en vliegveld Twente slechts het begin.
De grote vraag is of Kamp voldoende middelen heeft voor nieuwe investeringen. Zo niet, dan worden fregatten irrelevant als ze niet worden voorzien van land attack missiles. Landmacht en mariniers degraderen dan tot eenheden voor lichte vredesbewarende operaties. Dat Nederland deze weg feitelijk al is ingeslagen, blijkt overigens uit het schrappen van veel zware wapensystemen, inclusief zes bewapende Apache-helikopters.
Geld voor de transformatie van defensie is dus hard nodig. De NAVO heeft behoefte aan expeditionaire eenheden, die voor vredes én gevechtsoperaties ver van huis worden ingezet en met andere landen kunnen samenwerken. Operatie Iraqi Freedom is een mooi voorbeeld: de Britten konden ruim 40.000 soldaten op de been te brengen, maar waren nauwelijks in staat tot echte samenwerking met de Amerikanen en moesten daarom hun operaties noodgedwongen tot het zuiden beperken. Het ontbrak aan logistiek en middelen om in te pluggen in het waarnemings- en communicatienetwerk van de Amerikanen.
Tijdens de afgelopen NAVO-top van Praag hebben de Amerikanen het voorbestaan van het bondgenootschap afhankelijk gemaakt van Europese initiatieven het transatlantische technologische gat te dichten, zodat in de toekomst kan worden samengewerkt. De landmacht doet een bescheiden poging om bij te komen door investeringen in een speciaal bataljon, gericht op het vergaren van inlichtingen boven het gevechtsveld. Maar de crux zit in systemen waardoor álle krijgsmachtdelen kunnen samenwerken, internationaal kunnen inpluggen en operaties, net zoals de Amerikanen, snel, effectief, met weinig collaterale schade en weinig risico?s voor de eigen soldaten kunnen uitvoeren. Er is in Amerika een revolutie van het militaire optreden gaande, die een investeringen vereist die de huidige plannen van Kamp te boven gaan.
Bovendien is het de vraag of zelfs de voorgenomen investeringen uitgevoerd kunnen worden. Want daarvoor moet alles meezitten. Verkoop van materieel en onroerend goed moet voldoende opbrengen. Veel ontslagenen moeten elders werk vinden omdat ze anders op de defensiebegroting blijven drukken. Dit vereist rijksbrede solidariteit. Maar ook mag de Kamer weinig wensen hebben: politiek is het aantrekkelijk om, omwille van de economische en sociale consequenties, bases uiteindelijk toch open te houden of minder hard te snoeien in het aantal schepen en vliegtuigen. Elke wens gaat ten koste van investeringen. Maar de grootste bedreiging zijn extra bezuinigingen, die niet ondenkbaar zijn omdat Zalm nog hardere ingrepen in de rijksbegroting heeft aangekondigd.
Maar ook al loodst Kamp zijn plannen door de Kamer, dan nog zijn de gevolgen niet te overzien. De omvang, samenstelling en transformatiemogelijkheden van de krijgsmacht zijn ?s werelds tiende of elfde economische macht onwaardig. Dat wordt nog eens versterkt doordat het budget in de richting van de 1,5 procent van het bruto nationaal product gaat, terwijl 2 procent de norm is. Nederland wordt in toenemende mate een free rider; een parasiet in de internationale betrekkingen. De Nederlandse politiek wordt niet moe te betogen dat de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen, maar dat geldt niet voor Nederland zelf. De afgelopen jaren is onze internationale positie uitgehold; door deze bezuinigingen gaat dat in sneltreinvaart door. Voor een land dat de NAVO en de relatie met Amerika als hoekstenen van het beleid ziet, ligt hier een zware verantwoordelijkheid.