Research
Op-ed
Dutch cabaret
Het realisme van de zelfbeheersing is prachtig na te lezen in de onlangs verschenen History of the Foreign Relations of the United States, waarin de veiligheid in Europa gedurende de jaren 1969-1976 staat beschreven. Liefst 1165 pagina's leesplezier, geestige, scherpe, educatieve, onmisbare conversaties tussen Henry Kissinger en Andrej Gromyko, en al hun paladijnen die het lot van Europa regisseerden. De regeringsleiders (Nixon en Ford, en sovjetleider Brezjnev) ontbreken niet, maar het zijn vooral de twee ministers van buitenlandse zaken die het steekspel spelen en nimmer vergeten wat het heilige doel is: samen de boel bij elkaar polderen.
Daar gaan de vijanden zo in op dat zich een rolwisseling voltrekt. Ze tonen wederzijds begrip en helpen elkaar zelfs de lastige kleintjes in het gareel te houden.
Een van de hoofdthema's van de History is de Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa, een vergadercircus dat alle landen tussen Vancouver en Wladiwostok jarenlang bezighield en uiteindelijk (1975) tot de Slotacte van Helsinki zou leiden. Misschien wel het begin van het einde van de Koude Oorlog.
Voor de Amerikanen hoefde het allemaal niet, de CVSE was in Kissingers ogen een surrogaat voor een vredesverdrag dat de Sovjetunie en haar schaduwrijk in Oost-Europa consolideerde. Maar goed, ook veel West-Europanen wilden van de dreiging af en afspraken over veiligheid, dat was iets waar de realist Kissinger desnoods wel brood in zag. Zo vonden Kissinger en Gromyko elkaar in het compromis dat er vooral niet te veel over bijzaken als sport, mensenrechten, toerisme en balletvoorstellingen onderhandeld moest worden. Geklets over 'bewegingsvrijheid' noemde Kissinger, in een briefing voor zijn nieuwe president Gerald Ford 'meaningless, just a grandstand play to the left'.
Een van de grootste stoorzenders was het kleine Holland, dat het zogenaamde derde onderhandelingsmandje met steeds meer van die 'onbenullige' voorstellen vulde. Als een running gag loopt Dutch cabaret door het officiele relaas heen, Kissinger en Gromyko krijgen soms bijna de slappe lach van die Hollanders - als ze zich er niet groen en geel aan ergeren. Een vrije greep:
Gromyko: ik weet niet of u die papierberg hebt gelezen. Kan allemaal zo de prullenbak in.
Kissinger: Ik niet. Ik geloof niet dat het sovjetsysteem door een Nederlands cabaret in Moskou zal veranderen (gelach).
Gromyko: Cabaret! Ik heb me wel door die hele stapel heengeworsteld. Als je de rotzooi eruit haalt, blijven er drie dingen over: onschendbare grenzen, niet-inmenging en militaire ontspanning. (....)Die derde mand is er onlangs zo maar bijgekomen!
Kissinger: Ach, dat is voor de binnenlandse tribune. Wij zullen onze invloed gebruiken om jullie niet in verlegenheid te brengen, en dat er geen provocerende voorstellen worden opgeworpen.
Volgende zitting.
Gromyko: Ik sprak laatst met iemand uit een lastig land.
Kissinger: Roemenië, of Frankrijk?
Gromyko: Nee, Nederland.
Kissinger: Ha, het cabaret! (Gelach) Probeert u dat cabaret naar Moskou te halen? (...) Ik heb u toch al gezegd dat de Europeanen dat belangrijker dan wij vinden.
Gromyko: Het liefst zou ik de bodem uit die derde mand willen snijden. Niet omdat die zo slecht is, maar omdat de inhoud honderd keer belangrijker wordt gemaakt dan waar het om gaat, vrede en veiligheid.
Zelfs de afgezant van Ceausescu krijgt de verzekering van Kissinger dat de dictator zich geen zorgen hoeft te maken: 'we do not want a Dutch cabaret in Moscow. Zelfs secretaris-generaal Brezjnev wordt gek van mand-3. Waarom snoeren de Amerikanen hun zeurpieten toch niet de mond?
Kissinger jent: Omdat ik een Dutch cabaret in Moskou wil. Dan kan ik erheen.
Brezjnev: Geef ons tijd om een theater te bouwen.
Zelfs in de belangrijke mand-1, 'militaire ontspanning', hebben de Hollanders teveel noten op hun zang. Het gaat over het controleren en aanmelden van troepenbewegingen. Sommigen vinden dat elke tankbeweging in de onmetelijke vlakte tot Wladiwostok daar ook onder moeten vallen. Dat wordt Brezjnev echt te gortig: 'Ik accepteer niet dat Holland zijn voorwaarden aan de Sovjetunie dicteert. Nooit. Holland zou al dankbaar moeten zijn met onze opstelling.'
Kissinger: Ik wist niet dat Holland daar iets van vond. We vinden wel een oplossing.
Gromyko: Ze scheppen bewust verwarring. Sommige landen komen met onmogelijke voorstellen. Belgie en Holland willen de halve Sovjetunie onder toezicht stellen.
Kissinger: Ik heb jullie al gezegd dat we dat voorstel niet zullen steunen.
Gromyko: Mooi, maar kunnen we afspreken dat daar nu eens korte metten mee wordt gemaakt?
Kissinger: Zeker, ik zal het op de terugreis in London bespreken.
Gromyko: Heel goed. Heel goed.
Kissinger: Zo komen we er wel uit. (...) We kunnen dit soort voorstellen flink afzwakken.
De History of Foreign Relations leest als een cursus 'De Boel Bij Elkaar Houden'.
Spelen Hollandse cabaretiers tòch een rol in de wereldpolitiek.