Research
Op-ed
Een op dertig
Stel: je wilt een piepklein ziekenpostje in de woestijn neerzetten met vijf artsen. Die hebben tien verpleegkundigen nodig om hun werk te doen. In vredestijd staan ze meestal in gewone ziekenhuizen te opereren. Ze kunnen daar niet zomaar uitgeroosterd worden, dus de pool van uitzendspecialisten moet veel groter zijn, bijvoorbeeld vijfenveertig. Ze moeten eten, drinken en wassen en naar huis kunnen e-mailen en bellen. Daar zijn koks en installateurs voor nodig en mensen die een waterput kunnen slaan. Weer tien mensen. Die hele groep moet beschermd worden door gewapende guards. Ook die moeten eten en drinken, kunnen ziek worden en ze voeren regelmatig patrouilles uit buiten het kampement. Hun terreinwagens moeten worden onderhouden door monteurs. De benzine moet met tankauto's worden aangevoerd. Daar heb je chauffeurs voor nodig, die benzine aanvoeren in konvooien uit verre aanvoerhavens. Die konvooien worden bestookt. Dus hang je er helikopters boven om de aanvallers af te schrikken.
De helikopters moeten worden onderhouden, de munitie van de bewakers en de helikopters ligt in munitiedepots die doelwit van roof en aanslagen kunnen zijn. Defensie moet de aanvoerschepen tijdig charteren op de internationale zeetransportmarkt, anders zijn ze volgeboekt en zit het veldhospitaal een tijdje zonder spullen. Chauffeurs en vrachtwagens idem, Defensie heeft al eens achter het net gevist omdat de Franse wijnoogst alle capaciteit tijdelijk opslorpte. Lukt het wel een schip te charteren, dan moet het in de buurt van de Hoorn van Afrika door een oorlogsschip worden geëscorteerd, anders wordt het misschien gekaapt door piraten. Om piraten een lesje te leren, moet je een blik mariniers achter de hand houden.
Vervolgens heeft Defensie met de een=drie-regel te maken. Als een eenheid vier maanden naar Verweggistan wordt uitgezonden, gaan daar vier maanden training aan vooraf en komen er vier maanden achteraan om te bekomen van de missie. Althans op papier, want in Afghanistan blijkt een hersteltijd van veertig weken nodig te zijn. Lange missies vergen dus in principe drie maal zoveel mensen. Maar wacht even, uitgezonden eenheden werken lang niet zo efficiënt als dezelfde eenheden in vredestijd op de Ermelose heide. Daar klopt alles als een bus, de bakker zit om de hoek. In Uruzgan opereert men verspreid en moet worden geïmproviseerd. Daarom heb je er ook drie maal zoveel onderhoudsmonteurs nodig als rond de thuiskazerne.
Rechtspositie stopt niet bij de grenzen. Dat blijkt uit verwoede discussies over de prijs en kwaliteit van de legerkroket in de vele defensiebladen, maar ook uit serieuze zaken als de verlofregeling. Wie langer dan vier maanden wordt uitgezonden, heeft recht op een weekendje-weg. Een uitzendtermijn van precies vier maanden geeft dus het minste gedoe, dan kan dat verlof vlak ervoor of erna worden gepland. Helaas willen weinigen dat, en bij langere missies is het dus een heel gepuzzel en geschuif om te voorkomen dat een bataljon halverwege zijn uitzending niet ineens leegloopt door een verlofpiek.
En dan de planners thuis. Volgens sommigen houdt tachtig à negentig procent van de Landmachtstaf op het hoofdkwartier in Apeldoorn zich bezig met de missie-Afghanistan. Op elke uitgezonden man daar zouden er wel zo'n zeven mensen binnen de defensieorganisatie bezig zijn met nadenken, plannen, regelen, rapporteren en boekhouden.
Conclusie, aldus Van der Lijn: eigenlijk zijn er maar tienduizend mannen en vrouwen echt inzetbaar voor het uitoefenen van de hoofdtaken van de Nederlandse krijgsmacht. O ja, Nederland houdt ook nog militairen beschikbaar voor standby eenheden. De NAVO heeft een NATO Response Force, de Europese Unie kent een aantal battle groups waar ieder land op zijn tijd militairen aan uitleent, als een brandweer die altijd klaar moet staan om uit te rukken naar een conflicthaard in de wereld. Die reserve beperkt de armslag nog verder. Tot nu toe zijn ze nauwelijks in actie gekomen omdat de politieke besluitvorming veel te stroperig is, maar handenbindertjes zijn het wel, want eenheden die uitgeleend zijn, kun je moeilijk tegelijkertijd oormerken voor 'eigen' missies naar Afghanistan of Afrika.
En zo komt het dat er bij Defensie 65.000 mensen werken, waarvan er nu 2035 zijn uitgezonden. Exclusief ingehuurd personeel. Dat is een op dertig, en dat kraakt.