Er is één ding zeker wat betreft de Iraanse kernbom: de tijd is een keer op
Drie weken geleden was Olli Heinonen, tot 2010 tweede man van het Internationaal Atoomagentschap, in Den Haag.
Heinonen merkt nu aan de Harvard Universiteit en kan opmerkelijk vrijuit spreken, en je mag aannemen dat hij op basis van zijn jarenlange ervaring als atoominspecteur van de hoed en de rand weet.
Voorspellen doet hij niet, maar Heinonen is niet gerust op de verzekering van Iran dat het geen atoombom wil. Hij waarschuwt wel voor het tempo waarin Iran nu uranium tot twintig procent verrijkt. Gelukkig draaien de oude centrifuges van Nederlands ontwerp, via de Pakistaanse spion Khan in Iran terechtgekomen, niet zo soepel, zegt Heinonen, maar het zou ook kunnen zijn dat Iran de betere machines op een geheime plaats bewaart. Hoe dan ook, de hoeveelheid uranium die Iran tot twintig procent verrijkt is niet te rijmen met het medische doel waarvoor Iran het beweert nodig te hebben. Voor een select gezelschap deed Heinonen in Den Haag uit de doeken hoe Iran midden volgend jaar voldoende tot twintig procent verrijkt splijtstof kan hebben voor het maken van de atoombom, want de stap naar negentig procent (wapenkwaliteit) is dan zo klein dat je van een breakout-status kunt spreken: een latente kernwapenstaat.
Latent is niet werkelijk. Je moet er nog een wapen van maken, en dat kost nog maanden. Volgens de VS is dat de waarschuwingstijd die de wereld heeft om er nog iets tegen te doen, dus je kunt het ook van de positieve kant bekijken: zolang krijgen sancties en onderhandelingen nog een kans.
De angst voor een militaire clash tussen Israël en Iran golft op en neer, waarbij niemand (ook ingewijden als Heinonen) zeker weet wat Iran en Israël werkelijk van plan zijn, want behalve onvolledige informatie is ook pokeren zelf een essentieel onderdeel van de zenuwoorlog.
Er is maar één ding zeker, namelijk dat de tijd een keer op is. Volgens sommigen zou het speelveld daarmee niet dramatisch veranderen, want er is dan 'gewoon' een kernwapenstaat bij die zich zal gedragen als alle andere en Iran zal zich door containment (dreigen met fatale vergelding als het zijn bom in stelling brengt) wel koest houden. Maar duwt de klok ons ook die kant uit? President Obama heeft een ferme concessie gedaan aan Israël door te verklaren dat hij het níet op containment zal laten aankomen. Hij heeft ook expliciet gezegd waarom: 'Een nucleair Iran zou met de eliminatie van Israël dreigen, de veiligheid van de Golfstaten in gevaar brengen en de stabiliteit van de wereldeconomie. Het zou een nucleaire wapenwedloop in de regio riskeren en de ontrafeling van het non-proliferatieverdrag.' Deze woorden kunnen niet anders uitgelegd worden dan als een dreiging met preventieve actie. Een ultimatum, maar zonder datum.
Netanjahoe leek vervolgens olie op het vuur te gooien door zijn Jolande Sap-achtige act voor de Verenigde Naties, waar hij met een viltstift en een flipover aangaf waar de Israëlische red line lag. Midden volgend jaar was voor hem de 'negentig-procent-grens' bereikt, een symbolische 'vijf-voor-twaalf'-streep die sterk lijkt op de Heinonengrens, als die waarschuwt voor de kritieke hoeveelheid splijtstof.
Hoe theatraal en alarmerend de presentatie van Netanjahoe ook was, hij deed daarmee een concessie. Eerder dit jaar was het Israëlische standpunt dat Iran een zone of immunity had bereikt en de vliegtuigen zouden opstijgen zodra niet meer te zien was wat Iran ondergronds uitspookte. De Amerikaanse minister van Defensie Panetta sprak van de mogelijkheid dat Israël 'binnen drie maanden' tot actie zou overgaan, afgelopen zomer dus. Dat is passé, de Israëlische red line is nu verschoven naar volgend jaar. Obama heeft de Amerikaanse red line juist iets naar voren gehaald met zijn datumloze ultimatum, al was het maar omdat die er eerst niet was. Daarmee is het verschil tussen Obama en Netanjahoe, die elkaar in New York overigens ontliepen om verdere brouille te vermijden, geslonken, maar niet verdwenen. Er zit nog tien procent verschil van mening tussen. Nog altijd groot genoeg om niet gerust te zijn op de afloop. Voor de kalenderfetisjisten: exact vijftig jaar nadat het in de Cubaanse raketcrisis net niet fout ging.