Energiebesparing in Europa kan Rusland hard treffen
EU-sancties worden deze dagen gezien als het politieke antwoord op de inmenging van Rusland in Oost-Oekraïne, terwijl een structurele koerswijziging in het Europese energiebeleid, als onderdeel van een breder pakket met structurele maatregelen, op de lange termijn waarschijnlijk effectiever is. Nederland liep, in tegenstelling tot Duitsland, niet voorop in de discussie over duurzame energie en was ook weinig enthousiast over energie-efficiëntie verplichtingen uit Brussel. Nu doet ons land er verstandig aan om in Brussel wel te pleiten voor een strategisch langetermijnbeleid om daarmee echt een krachtig antwoord te geven aan Vladimir Poetin.
De EU vergadert al dagen over nieuwe sancties om de Russische steun aan de rebellen, die waarschijnlijk de MH17 uit de lucht schoten, scherp te veroordelen. Inmiddels is de lijst met persona non grata uitgebreid van 72 naar 87 personen en staan er 20 entiteiten op de lijst, waaronder bedrijven en het bestuur van de volksrepubliek Donetsk. Eerdere sancties, waaronder het opschorten van aanzienlijke investeringen van de Europese Investeringsbank, worden versneld ingevoerd. Op tafel liggen onder andere maatregelen om leningen aan Russische banken te verbieden, een embargo voor nieuwe wapenleveranties en een verbod op export van geavanceerde technologie, waardoor Rusland beperkt wordt in de mogelijke exploitatie van olie en gas op de Noordpool.
Tot nu toe lijken de sancties en dreiging daartoe wel veel effect te hebben op de economie van Rusland, die hard geraakt wordt, maar het is de vraag of machtspoliticus Poetin zijn koers erdoor verlegt. Zonder de westerse druk waren de lichamen van de ramp en de zwarte dozen misschien nog langzamer overgedragen, maar verder gaat de oorlog in Oost-Oekraïne onverminderd door.
De Amerikanen en hardliners binnen de EU stellen dat de sancties nog niet ver genoeg gaan en dat de EU de energie-import vanuit Rusland moet inperken. Dit zou de enige manier zijn om Poetin echt in het hart te raken. Echter, de nadelen van een directe energieboycot zijn groot. De economie van veel EU landen is in hoge mate afhankelijk van de Russische energie, de maatregel kan Poetins binnenlandse populariteit versterken en leiden tot aanzienlijke tegenmaatregelen op economisch en politiek vlak.
Is er dan nog iets anders dat het Westen, en de Navo en de EU in het bijzonder, kunnen doen? Jazeker. Het antwoord ligt hier in het uitrollen van een militair en economisch steunpakket aan de gebieden die nu nog (net) niet direct bedreigd worden door Rusland, zoals de Baltische staten, Moldavië en het deel van Oekraïne dat nog niet onder Russische invloed staat. Wellicht belangrijker is dat de EU nu echt werk moet maken van een gezamenlijk energiebeleid dat gericht is op duurzame energie, diversificatie en energie-efficiëntie (energiebesparing). Dit vergt grote investeringen in onder andere het energienetwerk en (onderzoek naar) nieuwe mogelijkheden voor energieopslag, maar betreft ook het aanscherpen van het klimaat- en energiepakket voor 2030 waar momenteel nog over wordt onderhandeld.
Hierbij is het interessant dat juist vorige week het laatste onderdeel van dit pakket, de plannen voor energie-efficiëntie, werden gepresenteerd in Brussel. Hierin staat dat de EU moet streven naar een verbetering van de efficiëntie met 30% in 2030. Tegelijkertijd werd bekend dat de EU haar doelstelling van 20% energie-efficiëntie in 2020 naar alle waarschijnlijk niet gaat halen. Een van de redenen is dat het niet gaat om een bindende doelstelling, in tegenstelling tot de doelstellingen voor CO2 en duurzame energie.
Energie-efficiëntie is vooralsnog het stiefkindje van het Europese energie en klimaatbeleid. Alhoewel het in economisch opzicht veel kan opleveren, goed is voor de werkgelegenheid en de afhankelijkheid van Russische energie vermindert, wordt er nog niet doorgepakt.
Veel maatregelen vergen namelijk aanzienlijke investeringen in (reeds bestaande) gebouwen, productieprocessen en -apparatuur en transportmiddelen. Dit stuit vooral in landen met een relatieve achterstand in het treffen van efficiëntiebevorderende maatregelen op weerstand, omdat het op korte termijn tot kostenverhogingen leidt. Juist de Oost-Europese lidstaten vrezen dat energie toch al duurder gaat worden als gevolg van de spanningen met Rusland en bezien energie-efficiëntie maatregelen nadrukkelijk als een extra kostenpost op korte termijn. Zij vergeten daarbij de voordelen van investeringen die hen op lange termijn juist minder afhankelijk maken van energie uit Rusland.
Poetin heeft een langetermijnagenda ten aanzien van bescherming van Russische minderheden in buurlanden en hecht zeer aan invloed over deze gebieden. Daarop kan de EU eigenlijk alleen reageren met een eigen agenda met structurele langetermijnantwoorden. Een koerswijziging in het energiebeleid zal niet gewaardeerd worden in Moskou, maar is wel een goede optie om onze positie ten opzichte van Rusland structureel te versterken. Nederland moet hier dan ook actief voor pleiten binnen de EU.