Research
EU verliest aantrekkingskracht in Servië
De grote verliezers van de Servische verkiezingen zijn Boris Tadic en zijn Democratische Partij (DS). Tadic trad enige maanden geleden af als president waardoor de parlementsverkiezingen samen vielen met die voor het presidentschap. Hij gokte erop dat zijn persoonlijke populariteit een grote verkiezingsnederlaag van zijn partij kon voorkomen. De DS werd verantwoordelijk gehouden voor de economische neergang van Servië en veel kiezers klaagden over corruptie. De opzet slaagde echter niet. De SNS van Nikolic kwam als grootste uit de bus op 6 mei en Tadic behaalde slechts een kleine voorsprong op zijn tegenstrever in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen. Verrassende winnaar van de parlementsverkiezingen was de Socialistische Partij (SPS) van Ivica Dacic. Met 16% van de stemmen kreeg zijn partijencoalitie ineens een sleutelpositie bij de vorming van een nieuwe regering. De winst van de SPS (ooit de partij van Milosevic) was opvallend omdat de partij deel uitmaakte van een onpopulaire regering en er binnen de SNS grote weerstanden bestonden tegen deelname aan een pro-Europese regering. Na enige dagen van stilzwijgen kondigde Dacic aan dat hij Tadic zou steunen in de tweede ronde. In Brussel werd opgelucht adem gehaald. Deze toezegging zou naar verwachting Tadic de overwinning bezorgen en een voortzetting van de coalitie van DS en SPS betekenen. Het laatste werd evenwel niet in een harde afspraak vastgelegd. Eerst maar de tweede ronde en daarna een regering vormen, was de mededeling van Tadic en Dacic. De afspraak was gebaseerd op de veronderstelling dat Tadic zou winnen en daarna het initiatief zou nemen om een nieuwe regering te vormen. Dit ligt nu bij Nikolic die ongetwijfeld een partijgenoot zal aanwijzen als kandidaat-premier die een meerderheid moet zien te vinden in het parlement. Deze formateur zal ongetwijfeld bij de SPS aankloppen. SPS leider Dacic noemt de ontstane situatie 'gecompliceerd'. Was Tadic herkozen dan had hij het premierschap kunnen opeisen in een nieuw DS-SNS coalitie. Tadic heeft gezegd die post niet te willen maar zijn partij denkt daar anders over. Het kan best zijn dat Nikolic uiteindelijk meer te bieden heeft aan de socialisten. Een samenwerkingsverband tussen zijn partij en de SPS oogt stabieler. Het alternatief zou een vorm van cohabitatie betekenen en volgens waarnemers snel leiden tot nieuwe parlementsverkiezingen. Afwachten dus. De constitutionele deadline voor de regeringsvorming is 5 september.
De campagne van Nikolic concentreerde zich op de economische problemen van Servië en het lijkt erop dat de kiezer - zoals elders in Europa - zich vooral daardoor heeft laten leiden. Daarnaast lijkt de lage opkomst (45%) in zijn voordeel gewerkt te hebben. De omstandigheid dat Tadic voor de derde keer - en volgens sommigen ongrondwettelijk - kandidaat was, kan hem stemmen gekost hebben. Ook is duidelijk dat het stemadvies van de socialisten niet het gewenste effect heeft gehad. De goede reputatie van Tadic in Brussel heeft niet zoals in het verleden de doorslag gegeven - in maart van dit jaar werd Servië kandidaat-lid van de EU maar dat mocht hem niet baten. De EU is minder populair dan voorheen en mensen hebben minder positieve verwachtingen van integratie in Europa. Lidmaatschap is een vergezicht geworden dat aan aantrekkingskracht heeft ingeboet. Niet alleen omdat Europa minder te bieden blijkt te hebben maar ook door de eurocrisis en het afschrikwekkende voorbeeld van Griekenland.