Research
Op-ed
Geen oorlog voeren, maar stabiliseren
Volgens Arnon Grunberg, die de inleiding schreef van de catalogus, is oorlog als het openen van de kooi die wij zelf, onder het motto 'beschaving', tijdelijk hebben dichtgetrokken. We willen die veilige kooi steeds openen, bezwijken voor het fatale verlangen naar ongetemdheid.
Maar buiten de kooi wacht ons weer een illusie, want alles wat daar gebeurt blijkt ook te zijn besmet door het virus van de beschaving - het slagveld heet 'theater' en is geadministreerd in de eufemismen van het moderne krijgsbedrijf: verlofregels tijdens het vechten, van Defensiewege verstrekte belbundels, kerstgroetregelingen voor het thuisfront, gemodereerde digitale condoleanceregisters, de patrouilles waarbij je niet gewoon wordt opgeblazen door een bom maar waarbij je boekhoudkundig als KIA (killed in action) betrokken raakt in een zogenaamde TIC (gevechtscontact met wapeninzet). Want oorlog en bommen bestaan niet in de Brave New World - in de eenentwintigste eeuw voer je geen oorlog maar je stabiliseert, buiten de poort van Kamp Holland fluiten de kogels je niet om de oren maar je begeeft je in het 'hogere geweldsspectrum'. Leed en pijn schokvrij verpakt in bobbeltjesplastic, oorlog gewikkeld in kerstpapier.
Zeven minuten, dat was vanaf het eind van de jaren vijftig het aantal minuten dat ik op zondagmiddag mijn mond moest houden, omdat mijn vader de familie gebood te luisteren naar De toestand in de wereld door mr. G.B.J. Hiltermann - die er inderdaad in slaagde alle ellende tussen Tsjang Kai Tsjek en Charles de Gaulle, tussen Moskou en Washington, in één lange volzin aan elkaar te rijgen. Maar toen werd het woord oorlog nog uitgesproken, al was het dan een koude. Zeven minuten, dat was toen en is nog steeds de bedenktijd die de Amerikaanse president heeft tussen het moment waarop hij uit bed gebeld wordt met de mededeling dat er - misschien per ongeluk - een atoomraket onderweg is naar Washington en de doomsdaybeslissing die hij moet nemen om het armageddon niet af te wachten, maar vast vóór te zijn met een vergeldingssalvo. Meer dan tweeduizend atoomwapens staan in onze wereld op scherp, op een reactietijd van amper zeven minuten.
Zeven minuten, dat is ook de tijd waarin de VN duizend dollar per vredesoperatie uitgeeft, het uurtarief van de voetballer Kaká. De grootste wapenfabrikant ter wereld, Boeing, zet met gemak vier tot vijf keer zoveel als dat wereldwijde vredesbudget om. Terwijl u dit stukje leest, geeft het Pentagon tien miljoen dollar uit aan wapens en soldij, en dan laat ik de posten Afghanistan en Irak nog even buiten de boekhouding. Dat is niet vijf, maar honderd maal zoveel als het vredesbudget van de VN.
Afghanistan, het land is bijna synoniem geworden voor bermbom. The poor man's weapon - ze kosten niet veel, overal in de wereld wordt er iedere zeven minuten een aanslag gepleegd of ontploft er een vergeten landmijn of een bermbom. Maar ook hier rukt de beschaving op. De aanslag is straks niet eens meer te fotograferen. Want hoe doe je dat met aanvallen op computers door cyberbataljons? Elke zeven minuten worden de computers van het Pentagon tachtig keer aangevallen door hackers.
Zeven minuten - in deze kleine inktvlek in de tijd voegen Amerikaanse boekhouders op het ministerie van Homeland Security vijf nieuwe verdachten toe aan de terrorisme watchlist. Zeven minuten - de tijd waarin een onbemande camera in een onbemand vliegtuigje boven Somalië of Waziristan een verdachte figuur of landrover die in zijn cameraoog komt, doorseint aan een beeldschermpiloot aan de andere kant van de wereld, die dan weer een muisklik aan dat robotje teruggeeft waardoor een dodelijke raket wordt afgevuurd. De tijd- en plaatsloze afstandsbedieningsoorlog is een feit - er is straks geen verschil meer tussen binnen en buiten de kooi. En zeven minuten, dat is precies de tijd dat overal ter wereld tien mensen door gewapend geweld om het leven komen, negen van de tien keer door of als gevolg van oorlog.
De dubbele punt in de titel van het boek bij de expositie, Occupation: Soldier, heeft een dubbele lading. Mét de dubbele punt gaat het over de militair die beschaver van beroep is, bínnen de kooi - zonder die dubbele punt, búíten de kooi, wordt hij ondanks zijn goede bedoelingen gezien als 'bezetter'. Dat verschil is tragisch klein. En inderdaad niet in zeven minuten uit te leggen. Van Denderen kan dat wel, en dat kunt u zelf constateren in het Fotomuseum in Den Haag.