Research

Articles

Gevaarlijk als Irak of Afghanistan

15 Sep 2010 - 10:20
Vraag: in welk land worden meer dan zeshonderd mensen per maand doodgeschoten, worden nieuwe politiechefs soms al een uur na hun installatie vermoord, vechten krijgsheren en drug lords tegen elkaar én tegen het regeringsleger, worden onthoofde slachtoffers meteen op YouTube gezet, of lijken als waarschuwing aan bruggen gehangen?

In welk land is het markttarief voor het plegen van een huurmoord vijfenveertig dollar, niet genoeg om van te leven maar wel om een dag van te eten? Waar ondermijnen corruptie en intimidatie de rechtsstaat, en moet een ultieme militaire surge de vijand op de knieën krijgen? Op welk land doelt het US Joint Forces Command sinds 2008, als het waarschuwt voor een 'sudden death' van de staat? Tien tegen één dat u twijfelt tussen Irak en Afghanistan.

Het goede antwoord is Mexico, zuiderbuur en achtertuin van de VS. CIA-baas Michael Hayden noemde Mexico bij zijn afscheid in februari 2009 'erger dan Irak'. Terrorisme-tsaar Michael Chertoff van het ministerie van Homeland Security pleitte zo ongeveer voor een militaire interventie. Hysterisch en overdreven, vinden critici, maar net zomin als je verheugd aanhoort dat Bagdad of Kaboel reisbestemmingen van je backpackende dochter zijn, is het fijn om te horen dat ze Ciudad Juárez of Nuevo Laredo heeft geboekt.

In sommige opzichten overtreft Mexico het gevaar in Irak of Afghanistan zelfs. In die twee landen schommelt het gemiddelde maandelijkse dodencijfer tussen twee- en vierhonderd, terwijl het in Mexico de afgelopen anderhalf jaar op zeshonderdvijftig wordt geschat. In de laatste maanden worden zelfs aantallen van duizend moorden per maand gemeld. Ciudad Juárez zou dat aantal in zijn eentje in 2010 al hebben gepasseerd. Vorige week werd bekend dat het geweld in Mexico sinds december 2006 waarschijnlijk al dertigduizend mensenlevens heeft gekost. Wat is er aan de hand?

Experts beginnen met te zeggen dat de vergelijking met Irak en Afghanistan mank gaat, ze kijken liever naar Colombia. Door hen wordt het succes in de strijd tegen de Colombiaanse drugskartels in de jaren negentig als oorzaak van het Mexicaanse geweld nú genoemd. In feite heeft de VS het probleem dus alleen maar dichterbij gehaald. Colombia is natuurlijk nog lang geen prachtland, maar de vernietiging - met veel Amerikaanse hulp - van de infrastructuur van het Medellín- en Calikartel deed de drugsproducenten uitzien naar nieuwe toegangswegen tot de Noord-Amerikaanse gebruiker. Aanvankelijk alleen door rechtstreekse cocaïnevluchten naar obscure vliegveldjes in Noord-Mexico en het inschakelen van lokale criminelen, die het vervoer over de Rio Grande regelden.

Volgens ex-DEA (Drugs Enforcement Administration)-rot Robert Bonner hebben de Mexicanen, die eerst in dollars maar later in cocaïne betaald kregen, de handel daarna helemaal overgenomen. Nu zijn ze onderling in een strijd op leven en dood verwikkeld om routes naar de Amerikaanse markt. Hun tentakels reiken tot ver buiten Mexico, in meer dan tweehonderd steden in de VS hebben ze bruggenhoofden. Ontvoeringen, geweld, afpersing van illegale migranten die zich in de VS willen vestigen, omkoping van of moorden op (plata o plomo: geld of lood) Mexicaanse agenten, geen middel wordt geschuwd om het spul de grens over te krijgen. Kwam twintig jaar geleden nog maar de helft van de 'Amerikaanse' cocaïne uit Mexico, nu is dat negentig procent.

In december 2006 verklaarde president Felipe Calderón de oorlog aan de oorlog. Sindsdien dringt de vergelijking met Irak en Afghanistan zich onwillekeurig weer op. Calderóns surge, vijftigduizend militairen, gaat de confrontatie aan, maar dat lokt ook meer geweld en meer slachtoffers uit. Even doorbijten, dan wordt het beter, waar hebben we dat meer gehoord? Calderóns kingpin strategy, de jacht op de hoofden van leiders die de drugsorganisaties moet verlammen, heeft veel weg van de geheime kill & slash operations van special forces tegen talibanleiders in Afghanistan, en op Al-Qaidabazen tijdens de surge in Irak. Met hetzelfde risico: versnippering van de vijand, desorganisatie, die daardoor onzichtbaarder en zelfs gewelddadiger wordt. Democratisering en rechtshervorming worden als medicijn gezien, met het paradoxale effect dat nieuwe verhoudingen in de politiek ook nieuwe kansen geven aan schurken. Er is een roep om een vergelijk, desnoods een duivelspact met de drugsbazen.

In beide landen de vraag of de president het redt. En de laatste gelijkenis: geweld oplossen komt vaak neer op geweld verplaatsen. Van Afghanistan naar Pakistan, van Colombia naar Mexico, en straks van Mexico naar Costa Rica, of een ander staatje dat het probleem niet aankan.