Research
Op-ed
Goede tuinier, die Hillary Clinton
Welke problemen vond ik vier jaar geleden in mijn inbox? Met die vraag blikte Hillary terug. Antwoord: twee akelige oorlogen, de economie in een vrije val, de diplomatie in staat van verval en verguizing, oude bondgenootschappen krakend en schurend, en alom in de wereld twijfel over het leiderschap van de VS.
En hoe heeft ze het er vanaf gebracht?
Over de twee akelige oorlogen stelde niemand lastige vragen, het propagandaverhaal dat de VS ze onder Obama tot een goed 'einde' heeft gebracht en dat de troepen onderweg naar huis zijn, gaat erin als koek. Dat mag een beetje waar zijn, maar in Irak en Afghanistan zijn de problemen natuurlijk verre van opgelost. In Irak vallen dagelijks bij bosjes doden door aanslagen in een nooit ophoudend conflict tussen boze soennieten die zich onderdrukt voelen door de regerende sjiitische meerderheid. De soennieten zijn erfgenamen van Saddam Hoessein, maar hebben vijf jaar geleden ook geholpen om Al-Qaida in Irak te verslaan en eisen nu nog altijd beloning voor hun diensten. Tussenstand: een nog altijd levensgevaarlijk land, een eigenzinnige leider Al-Maliki die sinds 2010 crisis na crisis beleeft, nauwelijks regeert en geen eind aan het geweld weet te krijgen.
In Afghanistan dreigt een burgeroorlog na het vertrek van de ISAF-troepen en zullen de VS met een restje achterblijvers en drones nog hun handen vol hebben aan de taliban en Al-Qaida. In beide gevallen geldt: de oorlogen gaan op een andere manier verder.
Met de Amerikaanse economie gaat het iets beter dan in 2009. De verdienste van Clinton? Ja, zegt ze, mijn diplomaten hebben daar keihard voor gewerkt, want economische diplomatie is een groter deel van hun dagtaak geworden. Bij haar aantreden in 2009 ontdekte ze dat de Amerikaanse diplomatie het zwaar aflegde tegen de militaire inspanning in het buitenland. De begroting van het Pentagon is nog altijd dertien keer zo groot als die van Buitenlandse Zaken, en ze vond het idioot dat er minder Amerikaanse diplomaten waren dan er militairen fulltime hun partijtje in talloze mariniers- en luchtmachtkapellen meebliezen. Dat is nu inderdaad enigszins rechtgetrokken.
Smart diplomacy is het trefwoord geworden, met slimme diplomatie bereik je veel meer in de nieuwe wereld dan met dreigen en geweld. In een wereld waar de boodschap niet alleen meer in handen is van overheidsmonopolies maar ook van ngo's, radicale websites en twitterende krijgsheren, moeten diplomaten meetwitteren in het Hindi, Urdu en Arabisch. De Global War on Terror wordt niet alleen met drones en special forces gevoerd, maar ook met het communicatiewapen via het Center for Strategic Counterterrorism Communications. Dat dwarsboomt Al-Qaida-propaganda en frustreert rekrutering van jonge jihadstrijders via internet, en blijkbaar met enig succes, want Al-Qaida zet tegenwoordig boodschappen uit via social media met de strekking: je moet niet alles geloven wat er over ons op internet staat.
Is het niet een beetje ironisch dat in een tijd dat tijd en afstand er niet meer toe doen en e-diplomacy de heilige graal is, Hillary Clinton twee keer op en neer naar de maan is gereisd om haar boodschap in 112 landen neer te leggen? 'Why Togo?' vroegen haar medewerkers toen ze weer in het vliegtuig stapte. Omdat de oude wereld er ook nog is, legde ze uit. Togo werd roterend lid van de VN-Veiligheidsraad, waar nog steeds elke stem telt en waar besluiten over wel of niet ingrijpen in Syrië en Mali worden genomen. En, zoals de oude minister George Shultz vorige week mijmerde, diplomatie lijkt sterk op tuinieren. Je moet overal elke dag onkruid wieden, anders word je erdoor overwoekerd.
Dat heeft Hillary goed gedaan. Over vier jaar kan ze doortuinieren, wellicht vanuit het Witte Huis.