Research
Op-ed
Jaar van de waarheid
Niets leek er op te wijzen dat het een haar beter zou gaan in de wereld dan in 2006, toen Israel oorlog voerde met de Libanese Hizbollah, Iran flirtte met de holocaust, de burgeroorlog in Irak niet langer ontkend werd, de Navo zichzelf de wacht aanzegde in de oorlog tegen de Taliban, de VN zichzelf de wacht aanzegde in Darfur, en Noord-Korea zijn eerste atoombom tot ontploffing had gebracht. 2007 kon wel eens het jaar van de waarheid worden.
Het leek aanvankelijk allemaal zelfs nog erger te worden. Het jaar begon met Amerikaanse luchtaanvallen op Somalië, waar streng-islamitische mannen een kopie van het talibanregime aan het vestigen waren en gratis kost en inwoning aan Al Qaida boden. Een tweede Afghanistan dus, dat mocht niet. Het Ethiopische leger vocht zich onder Amerikaanse luchtdekking naar Mogadishoe en je kon je afvragen of Bush er in 2008 na Irak en Afghanistan niet weer een wespennest bij had.
In Irak ging het ook van kwaad tot erger. Wie de hoop koesterde dat George Bush zou luisteren naar de wijze raad van de commissie Baker-Hamilton, die een uitweg uit de Irakese chaos voor hem verkenden, kwam ook bedrogen uit. Geen terugtrekking van troepen, besloot de president in januari tegen het advies in, maar juist een surge. Geen toenadering tot de buren, zoals de bipartisan commissie aanbeval, maar arrestaties van Iraniers en een uitdrukkelijk bevel om op ze te schieten als ze het pad van de Amerikanen kruisten. Gijzelingen van Britse mariniers in de Perzische Golf door de Iraanse kustwacht, beschuldigingen dat Iran moderne bermbommen langs de konvooiwegen in Irak liet ontploffen, luchtdoelraketten op Amerikaanse helicopters afvuurde, opstomende vliegkampeskaders naar de Perzische Golf - dat leek allemaal meer op de toebereidselen van een nieuwe oorlog.
De Amerikaanse hegemonie leek ineens wel overal in de wereld te worden uitgedaagd. Hugo Chavez tartte het Witte Huis met wapenaankopen in China en Rusland, met liefdesbetuigingen aan de schurk Ahmadinejad, en met de belofte dat hij graag de rol van luis-in-de-pels Castro in Latijns-Amerika zou overnemen. Aan de andere kant van de wereld veroorzaakte China een schok onder de militaire elite in Washington door in januari achteloos een weersatelliet met en raket neer te schieten. Een onschuldig hoogstandje? Nee, zeiden de specialisten, een 21ste eeuwse demonstratie van macht want hiermee tonen de Chinezen aan dat ze alle Amerikaanse ruimtewapens kunnen uitschakelen en dat is zoiets als het uitsteken van je ogen.
Ging er dan niets goed? Ja, soms consumeren we net als in de economie onverwachte 'meevallers'. Iemand draait een beetje aan de knoppen van de geschiedenis en de lichtinval verandert.
Iran werkte volgens een rapport van de Amerikaanse inlichtingendiensten ineens niet meer door aan de atoombom. Half februari brak de lente aan in Pyongyang, waar plotseling het einde van het illegale atoomprogramma werd beloofd. In ruil voor olie en een uitzicht op vrede. Met argusogen werd de draai van Kim Jong Il -ook een draai van de VS want in feite viel Bush terug op de verguisde aanpak van Bill Clinton- gevolgd, maar de dooi zette werkelijk door. De Noordkoreanen legden in de zomer hun verdachte atoomreactor stil en zetten de deur weer open voor atoominspecteurs van het IAEA. Te mooi om waar te zijn, en misschien zelfs een teken dat de rede (Condi Rice?) het toch nog begon te winnen van de drift (Dick Cheney?) en dat de nieuwe supermacht China niet alleen aan de poten van Bush'stoel zaagt maar ook de rol van honest broker kan spelen.
Of maken we het plaatje nu weer te rozig? We weten misschien maar de helft. In de nominatie voor het meest geheimzinnige, griezelige en onbegrepen incident van het jaar duikt Noord-Korea ook nog even op. Op 6 september vernietigden Israëlische straaljagers met een bliksemactie een 'kernreactor' in Syrië. Niemand weet of die claim wel klopt, de Israëlische censuur houdt de waarheid tegen, de Veiligheidsraad keek de andere kant uit, Bush zweeg als het graf, de Arabische wereld slikte even, het IAEA wist van niks en zelfs Syrië hield het bij een obligaat protestje. Een van de lezingen is dat het Noordkoreaanse programma zijn stiekeme uitlopers tot in het Midden-Oosten heeft, maar het bewijs is er niet.
Wat we wèl uit de stilte kunnen concluderen is dat Het Grote Spel soms arbitrair gespeeld wordt. Je kunt iets tot een crisis uitroepen, je kunt het ook negeren. Blijkbaar kwam het nu even beter uit om die sinistere aanval op Syrië dood te zwijgen. Wellicht mocht de topontmoeting over het Midden-Oosten in Annapolis mocht niet verstoord worden, moest de dooi tussen Noord-Korea en de VS vooral doorgaan. We weten het niet, wat dat betreft moet 2008 het jaar van de waarheid worden. Om nog iets van zijn presidentschap te redden moet Bush van 2008 een jaar zonder ongelukken maken - voor hem al een ongekend succes.