Research

Strategic Foresight

Articles

Japanse ijzeren driehoek moet gebroken worden

31 Jan 2005 - 10:04

Na een verloren decennium lijkt de Japanse economie zich schoorvoetend te herstellen. De banken slagen er in hun portefeuilles met dubieuze leningen af te wikkelen. In de IT-sector ontluikt nieuw ondernemerschap. Regulering wordt verminderd, zodat de markt meer ruimte krijgt. Alleen terugdringing van financieringstekort en staatsschuld krijgt onvoldoende vaart.

Tot het midden van de jaren tachtig behoorde Japan tot de meest dynamische economieën ter wereld, met een groei die hoger lag dan die van zowel de VS als de Europese Unie. In de jaren negentig ging het bergafwaarts. Maar er gloort licht aan het eind van de tunnel. De Japanse economie groeit weer. Of, zoals Dennis Tachiki, een prominent Japans-Amerikaanse econoom opmerkt: ‘Zolang de onderliggende groeitrend in Japan binnen de band-breedte van 1 tot 2 procent blijft, zal de economie zich geleidelijk herstellen.’

Het economisch beleid sinds premier Junichiro Koizumi in 2001 aan de macht kwam, is gericht op de oplossing van drie belangrijke problemen. Allereerst de vermindering van de aanzienlijke hoeveelheid dubieuze bankleningen. Voorts een reductie van het begrotingstekort en de torenhoge staatsschuld, die 160 procent van het bbp bedraagt, een record onder de ontwikkelde landen. Ten slotte een terugdringing van de rol van de overheid in de eigen economie, die ongeveer twee derde van alle economische activiteit reguleert. Het volume dubieuze leningen neemt de laatste tijd langzaam af tot een beheersbaar niveau. Als gevolg daarvan hebben de kredietbeoordelaars de kredietwaardigheid van de belangrijkste banken opgewaardeerd. De voortgang op het begrotingsfront is echter nog onvoldoende. Dat betekent dat de Japanse overheid in de komende jaren nog zal moeten bijlenen. De staatsschuld is echter minder groot dan die op het eerste gezicht lijkt, omdat een groot deel van de schuld bestaat uit onderlinge leningen tussen verschillende delen van de overheid. Zo bezien daalt Japans netto schuld van 160 tot ongeveer 45 procent. De bijna spreekwoordelijke regulering heeft alles te maken met de sturing van de Japanse economie gedurende vele decennia door een ‘ijzeren driehoek’ van bureaucraten, politici en elites uit het bedrijfsleven. Deze coalitie slaagt er niet meer in om het concurrentievermogen van Japan in de 21ste eeuw te verzekeren. Daarom geeft premier Koizumi prioriteit aan de hervorming van de ijzeren driehoek, zodat de krachten van de markt en het maatschappelijke middenveld een grotere rol kunnen spelen. Een andere belangrijke ontwikkeling is de vestiging van een golf van nieuwe bedrijven in de internetsector, die vaak wordt aangeduid als ‘Bit Valley’.

Zelfs Japans behoudende politici en bureaucraten zijn het er nu over eens dat zij ruimte moeten scheppen voor ondernemers die risico durven te nemen. Dat lijkt te duiden op de opkomst van een nieuwe, meer individualistische ondernemersgeest en kan betekenen dat de Japanse economie zich nu langzaam beweegt in de richting van een vrije- markteconomie naar westerse snit.