EU Forum

Nederland moet het EU Commissie oordeel volgen

27 May 2012 - 00:00

Op 30 mei komt de Europese Commissie met haar oordeel over de economieën in de lidstaten en dus ook over de Nederlandse economie. Dit wordt het beroemde stuk waarin de Commissie haar oordeel geeft over of wij op koers liggen om de 3% te halen. Misschien is de Commissie flexibel en geeft mogen we over de 3% heen, maar misschien legt ze juist meer bezuinigingen op.

Deze beoordeling is van groot belang voor de Nederlandse economie en politiek. Het Kabinet Rutte is gestruikeld over de 3% norm. De PvdA wil meer flexibiliteit en het lenteakkoord heeft juist alles op alles gezet om te voldoen aan de door Nederland zo hard bevochten regels van het Groei- en Stabiliteitspact – het ‘SGP’ waar de 3% in staat. Ook Coen Teulings van het CPB heeft al gezegd dat vasthouden aan de 3% Nederland kapot bezuinigt. De PVV duldt sowieso geen bemoeienis vanuit ‘Brussel’, en de SP keert zich bij voorbaat tegen de opgelegde bezuinigingen voor Nederland en andere Europese landen. De Commissie’s politieke beoordeling krijgt dus geen onverdeeld gunstig onthaal. Vanuit de Kamer is veel weerstand te verwachten.

Op straffe van boetes kan de Commissie nu nationale economische plannen bijstellen. Zij zou bijvoorbeeld kunnen zeggen dat in het lenteakkoord teveel lastenverzwaring zit en dat Nederland daarmee haar concurrentiekracht schaadt. Dat ligt in Nederland al moeilijk maar de Commissie zal ook (hele harde) oordelen moeten vellen over de Franse en Britse economieën. De diepte van de crisis duidt ook op de noodzaak om in allerlei landen heilige huisjes als arbeids- en woningmarkten te bekritiseren. De Commissie moet dus nu in alle 27 lidstaten haar nek uitsteken en dapper kritiek geven op het nationale economische beleid.

Op het eerste gezicht lijkt de Commissie ongeschikt voor deze taak. Het draagvlak voor dit soort ingrijpende bemoeienis is ver te zoeken. In het verleden heeft de Commissie nooit kunnen of durven doorpakken en lidstaten aan de schandpaal te nagelen. Het gevolg is de Europese economie gevormd wordt door een stelletje onconcurrerende economieën. Frankrijk, Spanje, Italië – allemaal grote economieën en cruciaal voor de Nederlandse export – staan op de plaatsen 18 (en dalend), 36 en 43. Het verleden van de Commissiebeoordelingen belooft weinig goeds.

Daarnaast is Barroso is politiek verzwakt en is het twijfelachtig of hij bijvoorbeeld Frankrijk strenge aanbevelingen zal geven. In principe is Olli Rehn de ‘onafhankelijke’ Commissaris die over de bindende economische aanbevelingen gaat maar in de Commissie zelf bestaat nog onduidelijkheid over een mogelijke politieke bijkleuring door Barroso. We weten ook dat Barroso een warm voorstander van grote investeringsplannen hoewel het geld bij lidstaten ontbreekt.

Ook heeft de Commissie boter op het hoofd. Zelf pleiten de EU ambtenaren voor loonsverhogingen en vechten voor verhoging van hun budget terwijl ze elk land bezuinigingen opleggen. Helaas heeft de Commissie ook nog eens een imagoprobleem: slechts 36% van de Europeanen zegt de Commissie te vertrouwen. Een slechtere uitgangspositie begin om landen tot draconische hervormingen te dwingen is moeilijk voor te stellen.

Toch kan het oordeel van de Commissie met vertrouwen worden toegezien. Er zijn, vooral ook op aandringen van Nederland, veel strakkere begrotingsregels gekomen inclusief aangescherpte methodes om economieën te beoordelen (zoals het ‘6 pack’). Commissieaanbevelingen zijn nu ook door grote lidstaten moeilijk tegen te houden. Daarnaast heeft de Commissie zwaar geïnvesteerd in de expertise die nodig is om alle 27 lidstaten serieus te boordelen. Inmiddels is de Commissie een soort Europese CPB in wording waar rekening mee gehouden moet worden.

Maanden heeft de Commissie inmiddels gewerkt om rapporten over lidstaten te krijgen en bezoeken bij nationale instanties afgelegd om feiten boven tafel te halen en gegevens te controleren. Mede door samenwerking met de ECB, OESO en nationale CPBs zullen de vandaag te presenteren economische beoordelingen moeilijk op deze pan-Europese schaal te verbeteren zijn. Daarbij, de Commissie is zich terdege bewust dat een halfzachte houding dit keer het geloof in de vernieuwde economische coördinatie voor eens en mogelijk voor altijd zal schaden. Dit keer moet de Commissie goed, hard en fair zijn voor elk land.

Het is ook in het Nederlandse belang om nu met de Commissie mee te werken. Er is namelijk geen andere proces waarmee Frankrijk, Italië en andere economieën met grote economische problemen en onhoudbare pensioensystemen gedwongen kunnen worden om nu eindelijk eens deel te worden van een hoogwaardige Europese economie. De geruchten gaan dat de Commissieaanbevelingen voor Nederland ‘interessant’ zullen zijn – voor sommigen te zwak, voor andere te hard, maar hoe dan ook controversieel. Wat ze ook zijn, we kunnen ze maar beter opvolgen.