Research
Articles
Nederland is zoekende, maar niet alleen
Wat betekent dit 'nee' voor de positie van Nederland in Europa en voor de Europese integratie? Wat zegt dit over het vertrouwen van de burger in de politiek?
Men hoeft geen doemscenario's over oorlog, nationalisme en economische marginalisering uit de kast te halen, om te beseffen dat het Nederlandse 'nee' meer is dan een incident. Deze afwijzing markeert een fundamentele verandering van opstelling tegenover Europese integratie. Nederland is zoekende, maar staat daarin niet alleen. In vele landen broeit het als het om Europa gaat. Een mogelijk langdurige periode van stuurloosheid en stagnatie in het integratieproces dreigt. Bezweringsformules als 'terug naar Nice' of 'een tweede ronde van referenda' bieden daarvoor geen soelaas.
Eerst dan Nederland. Met haar tegenstem heeft de bevolking de Europese Grondwet naar de prullenbak verwezen. Maar de ware betekenis van het 'nee' is dat de burgers tijdens de hen eerst geboden mogelijkheid massaal tot uitdrukking hebben gebracht dat zij de wijze waarop de elite het Europese project decennialang heeft bestierd, niet langer willen. Het Europa zoals dat via de bekende kleine stappen tot stand is gebracht, beschouwen zij niet als het hunne. En waar voor de politieke elite de grondwet het middel was om de burger met Europa te verzoenen, zag diezelfde burger in dat document het zoveelste bewijs dat hij zonder zeggenschap voor een reis betaalde waarvan prijs noch eindbestemming bekend waren. Het debat ging dus ook niet over de grondwet maar over Europa en over het vertrouwen in de politiek als het om Nederland in Europa gaat. De tegenstanders hadden dat veel eerder in de gaten dan de voorstanders.
Daarmee is ook gezegd dat de uitkomst van het Nederlandse referendum een ernstige vertrouwenscrisis tussen politiek en samenleving betekent, die niet zonder gevolgen zal blijven voor de positie van Nederland binnen de Unie.
Waar Nederland de afgelopen jaren sowieso al de reputatie had verworven niet langer onvoorwaardelijk de Europese gospel te belijden, lijkt het met het 'nee' definitief afscheid genomen te hebben van de status van founding father, die een bijzonder verantwoordelijkheid zou hebben voor het integratieproces. De eurosceptische grondzee - vaak overigens gevoed door geklaag van nationale politici zelf over de Brusselse 'almacht' en kosten van Europa - heeft Nederland gebracht tot in het kamp van Denen, Britten, Zweden, en wie al niet meer. Kortom, tot het kamp van de laatkomers, die de Unie altijd met grote afstandelijkheid hebben benaderd.
Het is in dit verband ook geen toeval dat het debat in Nederland vaak het karakter had van een verlaat toetredingsdebat. Het Nederlandse aanzien binnen de Unie zal dus veranderen: de onderhandelingsruimte in Brussel wordt er bij een steeds kritischer thuisfront niet groter op.
Kortom, Nederland komt in een lastiger positie, zeker op die terreinen waarop het vragende partij is. Dat laatste is vaak het geval.
Maar in wat voor Europa komt dat 'lastige' Nederland? Dat is een Europa waarin breed onbehagen bestaat over 'Brussel' en de daar genomen besluiten. De uitslag in Frankrijk is daarvan een bewijs.
Maar ook in landen waar de ratificatie bij afwezigheid van een referendum zogenaamd soepeltjes is verlopen, gaapt een groeiende Europese kloof tussen burger en bovenlaag: Nederland staat dus niet alleen. Maar dat is slechts een schrale troost. Het Franse 'nee' staat immers voor een Unie die op alle niveaus hopeloos verdeeld is over de vraag hoe het verder moet met de grote onderwerpen: economie, veiligheid, geld. Het staat vooral voor een Unie waarin geen leiderschap meer valt te onderkennen. Blair, Berlusconi, Barroso, Chirac, Schröder het ontbreekt hen daarvoor nationaal aan het vereiste draagvlak en Europees aan het noodzakelijk gewicht.
Anders gezegd, de situatie is niet hopeloos: geen oorlog, geen nationalisme of erger. Maar zij is wel ernstig met een dreigend gevaar van langdurige besluiteloosheid, met of zonder Nice.
Dit artikel is ook verschenen in de Twentsche Courant Tubantia, De Gelderlander, BN/De Stem en het Brabants Dagblad ("Geen oorlog, maar wel een langdurge besluitloosheid in en over Europa").