Research
Articles
Schröder zegt iets te hard 'nee'
Hij voegde eraan toe dat het niet de taak van Duitsland was om achter de Verenigde Staten aan te lopen om te weten wat er zou gebeuren, maar dat het aan de Verenigde Staten was om Duitsland tijdig in te lichten. En dus niet twee uur van tevoren bellen met de mededeling: ,,Wij vallen nu aan.''
De Duitse minister van Defensie Peter Struck riep in herinnering dat Duitsland na de Verenigde Staten de meeste troepen aan internationale militaire operaties leverde. ,,Duitsland kan daarom, zelfbewust, een eigen positie innemen.''
De krachtige houding van Duitsland jegens de Verenigde Staten maakt duidelijk dat de internationale positie van Duitsland sinds het aantreden van de regering-Schröder drastisch is gewijzigd. Hoewel Schröder na 11 september vorig jaar de Verenigde Staten onvoorwaardelijke steun tegen het terrorisme toezegde, staan de Amerikaans-Duitse verhoudingen sinds het aantreden van George Bush regelmatig onder druk. De machtsverhoudingen tussen de Verenigde Staten en Duitsland waren indertijd helder: ,,Hier de militaire, daar de 'zachte hegemoon', hier de wereldmacht Amerika, daar de regionale macht Duitsland; hier de ad-hoc-wereldpolitie, daar de zich inhoudende Bondsrepubliek. Daarbij komen nationale visioenen die slechts zelden met elkaar in conflict komen'', analyseerde de toonaangevende Duitse politieke commentator Josef Joffe. Vier jaar Schröder en Fischer heeft van Duitsland een `harde' macht gemaakt, die zich ook niet wenst in te houden.
Aanleiding voor de Duitse onvrede met het beleid van George Bush is diens streven voorgoed met Saddam Hussein af te rekenen. Schröder, die de hete adem van zijn uitdager Edmund Stoiber in de nek voelt, bracht de kwestie-Irak in de verkiezingsstrijd. Hij verklaarde dat Duitsland niet aan een oorlog tegen Irak zou deelnemen, ook al zou de VN-Veiligheidsraad met een aanval op Saddam Hussein instemmen. Ondanks de bezweringsformules van zijn opponent Stoiber van Irak geen verkiezingsthema te maken wist Schröder door te zetten, al leek het thema door de overstromingen op de achtergrond te zijn geraakt. Nu staat Irak weer prominent op de verkiezingsagenda.
Schröder heeft een fijne politieke neus. Duitsland is weliswaar rijp gemaakt voor deelname aan internationale militaire operaties, maar een ongewis militair avontuur in het Midden-Oosten gaat de meeste Duitsers te ver. Irak is dan ook een ideaal verkiezingsthema. Toch is het maar de vraag of de harde opstelling van Schröder uitsluitend door de verkiezingsstrijd is ingegeven. Door de pressie op Duitsland om aan de oorlog tegen Irak mee te doen, heeft president Bush bondskanselier Schröder met de rug tegen de muur gezet:
De strijdmacht van Duitsland staat aan de grenzen van haar mogelijkheden door deelname aan de vredeshandhaving in Kosovo, Bosnië, Macedonië en Afghanistan, en het bewaken van de wateren rond de Hoorn van Afrika om Al-Qaeda-terroristen die naar Somalië willen uitwijken op te vangen. De meeste Duitse militairen zijn ook nog dienstplichtigen en zij kunnen niet ingezet worden bij grootschalige oorlogshandelingen.
Oorlogsvoering is duur. Duitsland heeft het geld niet om aan een tweede Golfoorlog mee te doen. Bij de eerste Golfoorlog (1991) kon de voormalige bondskanselier Helmut Kohl Duitse militaire deelname met een grote buidel geld afkopen. Nu zit Duitsland al zó krap bij kas dat het een reprimande uit Brussel, de zogeheten blauwe brief, riskeert doordat het begrotingstekort de 3 procent overschrijdt. De overstromingen hebben de financiële positie van Duitsland verergerd.
Schröder wil en kan niet bekennen dat Duitsland niet het vermogen heeft om aan een oorlog tegen Irak mee te doen. De sterke internationale positie die Duitsland - onder meer ten opzichte van zijn Europese concurrenten Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk - heeft opgebouwd, zou daardoor beschadigd kunnen worden.
Aan het harde 'nee' tegen Bush kleven voor Schröder grote risico's indien hij na 22 september als bondskanselier terugkeert. Kan hij nog 'nee' tegen de Verenigde Staten blijven zeggen mocht de VN-Veiligheidsraad met het verdrijven van Saddam Hussein instemmen, en Bush een brede coalitie tegen Irak op de been krijgt? Met zijn huidige positie heeft Schröder zich van alle speelruimte beroofd. Het is de ironie van het lot dat dan niet de Verenigde Staten geïsoleerd dreigen te raken, maar dat Duitsland aan de internationale zijlijn staat.