Vrouwen en oorlog - dat is een thema waar vreemde uitersten soms met elkaar onder één noemer gaan. De vrouw als ultieme zero, maar ook als hero.
Gruwelijk zijn de feiten in Oost-Congo en andere staten die we eufemistisch 'fragiel' noemen. Temidden van het epidemische geweld waardoor ze worden geteisterd dook een paar jaar geleden ineens de afkorting REV op: rape with extreme violence. Drie letters die inmiddels standaard zijn geworden in de handboeken burgeroorlog.
De Zweedse Margot Wallström, VN-gezant voor seksueel geweld in conflicten, riep in 2010 Kivoe officieel uit tot verkrachtingscentrum van de wereld. Verkrachting kreeg zelfs de status van 'strategisch wapen', omdat het bewust werd gebruikt om gemeenschappen te ontwrichten. Een systematisch gebruikt biologisch wapen dat families en samenlevingen verscheurt en demoraliseert. Soms ook gevolgd door een tweede straf voor de slachtoffers, omdat hun een leven als verstotene rest als de eer van de stam is bezoedeld.
Nu is het pas uitgekomen Human Security Report 2012 met de - wat eigenaardige - waarschuwing gekomen dat we ook weer niet moeten doorslaan. Vrouwen, zeggen de onderzoekers, zijn ook vaak dáders van seksueel geweld tegen mannen. Minder vaak, maar de vrouwelijke alarmsignalen van hulporganisaties zijn waarschijnlijk overdreven omdat de media iets dat er altijd al was nu veel vaker rapporteren. Ook in niet-oorlogslanden, Oeganda bijvoorbeeld, zegt 39 % van alle vrouwen doelwit van seksueel geweld te zijn geweest. In Ethiopië is dat zelfs 44 %. Daarom zou je deze landen met nog meer recht verkrachtingscentrum van de wereld mogen noemen. Volgens de onderzoekers mag je 'erg' (= oorlogsgeweld tegen vrouwen) dus niet zo erg noemen omdat er nog veel meer ander 'erg' is. Maar wat moeten we dan vinden van 'goed' als we het misschien om de verkeerde reden goed noemen?
In de VS wordt een felle campagne gevoerd door vrouwen die juist een volwaardige plaats aan het front opeisen. Ze voelen zich gediscrimineerd omdat ze niet dezelfde gevechtsfuncties mogen vervullen als hun mannelijke soortgenoten. Tegenstanders van gelijke behandeling beroepen zich op klassieke argumenten van ridderlijkheid en deugd, de smerigheid van oorlog is iets wat de vrouw moet worden bespaard. Maar ook op meer praktische bezwaren. Zo zouden mannelijke commando's, met een vrouwelijke collega gevangen genomen door de vijand, sneller doorslaan als die vrouw gemarteld of seksueel bedreigd wordt. Vrouwen zouden de masculiene kameraadschap in het leger ondermijnen. Vrouwen zouden minder moedig zijn. Vrouwen zouden mannen het hoofd op hol doen slaan, enzovoort.
De actievoerende vrouwen vinden dergelijke argumenten een belediging: zij eisen het recht op om voor hun vaderland te mogen sterven. Ze maken ook gehakt van het argument dat mannen beter zouden zijn in oorlogvoeren dan vrouwen. Allerlei onderzoeken lijken hun gelijk te geven. Fitnesstesten en stormbanen blijken een 'mannelijke' bias te hebben, maar niet per se de geschiktheid te meten om verstandige beslissingen aan het front te nemen. Soms doen vrouwen het zelfs beter op het slagveld dan mannen. Vlak na 9/11 ontketenden de Amerikanen een kort en hevig oorlogje tegen het talibanbewind van Afghanistan, gastheer van Al-Qaida. Dat deden ze samen met een niet zo frisse bondgenoot, de krijgsheer Dostum van de noordelijke alliantie. Deze woeste vechtjas deed het vuile werk op de grond, terwijl Amerikaanse piloten vanuit de lucht de regie hadden en zeiden wie Dostum te pakken moest nemen.
Dostum, die zichzelf generaal noemde, viel van zijn paard toen hij doorhad zijn bevelen te krijgen van pilote Allison Black, commandante van een soort vliegende tank die zelf ook de taliban voortdurend onder vuur nam. Dostum was daarover zo verbijsterd dat hij de veldtelefoon pakte, contact zocht met zijn vijanden en hun vertelde dat ze zich maar beter konden overgeven. Argument: het moest de VS wel bijzonder menens zijn dat zij zelfs vrouwen inzetten om hun vijand te bestoken. Zijn advies was: bespaar je de schande dat je door een vrouw wordt gedood.
De volgende morgen meldden de talibanstrijders zich bij het hoofdkwartier van Dostum, waar ze vermoedelijk ook niet erg goed behandeld werden, maar dat was toch minder oneervol dan sneuvelen door een vrouw.