Als een veenbrand grijpt de revolte om zich heen tot diep in Afrika en Azië. De rest van de wereld kijkt verbijsterd toe hoe machtige regimes aftakelen. 'Ouderwets' overheidsgeweld lijkt niet te helpen. Over een paar uur weten we of na het vrijdaggebed in Syrië weer duizenden de straat op gaan.
Midden-Oostendeskundigen kunnen maar beter het weekend vrij houden voor alle commentaren. Als VS-watcher bemoei ik mij uiteraard ook met de duiding. Wij zien immers de eerste contouren van een mondiale revolte. Volksmassa's nemen het heft in eigen hand. In Hongkong waren afgelopen week demonstraties, in Bangkok zag ik pas nog duizenden roodhemden op straat, in China zit, ondanks de waakzame overheid, verandering in de lucht.
De Franse en Amerikaanse revoluties waren geografisch beperkt. Maar zelfs de liberale revoluties van 1848 in Europese hoofdsteden verbleken bij de brede spreiding van de huidige onrust.
Wat al die demonstranten bindt, is de roep om gerechtigheid. De Amerikaanse buitenlandexpert David Ignatius schrijft in Foreign Policy dat mensen hun waardigheid terug willen. Dat gaat verder dan democratische eisen als verkiezingen en een grondwet. Zij willen 'good governance', dus minder corruptie, een eerlijker welvaartsverdeling en een overheid die daadwerkelijk functioneert en basisvoorzieningen levert. Zij zien hoe de eigen elite zich schaamteloos verrijkt aan hun grondstoffen en arbeid. Zij zijn vervreemd van hun eigen economie en profiteren niet van de globalisering.
In het westen kennen wij ook miljoenen maatschappelijke verliezers, zij het minder schrijnend en dus minder geradicaliseerd. Deze achterblijvers, veelal ouderen zonder hoogwaardige opleiding, verenigen zich in 'grassroots' bewegingen die eveneens anti-establishment en globalisering zijn. Van Sarah Palin tot Geert Wilders luidt hun parool dat traditionele politici onbetrouwbaar zijn. De macht aan de lokale burger!
Globalisering heeft ook positieve kanten, maar dan vooral voor hun kinderen. Voor het eerst is de meerderheid van de wereldbevolking onder de veertig. Deze facebookjongeren etaleren een techno-activisme dat veel duiders slechts als een middel zien in plaats van een nieuwe 'mindsetting'. Zelfs in de armste gebieden, zo zag ik deze week in Zuid-Thailand, 'facebooken' jongeren voor een habbekrats in internetcafés.
Internationale organisaties en grootmachten kunnen de vele brandhaarden niet meer temmen. De sleutel tot hervormingen is publiek-private samenwerking van bedrijven, 'non gouvermental organizations' en overheden. Gerespecteerde ngo's als de 'International Crisis Group' en 'AccountAbility Now' zetten ook via facebook autoritaire regimes onder druk. Daarnaast werken ze met bedrijven samen die vaak beter dan bureaucratische overheidsorganen producten en diensten kunnen leveren.
Neem het zo corrupte Nigeria waar Shell nu het eerste bedrijf is dat een volledig geïntegreerd financieel en sociaal jaarplan oplevert. Wat politieke instanties niet voor elkaar kregen, lukt nu wel. Shell heeft afgedwongen dat de Nigeriaanse autoriteiten vele miljoenen euro's oliewinsten terugsluizen voor de daadwerkelijke opbouw van onderwijs. Dit is geen onbaatzuchtige filantropie, maar het werkt wel of in ieder geval beter.
De wereld van de facebook-generaties wordt als vanzelf pragmatischer. Iedereen is op alle belangrijke maatschappelijke terreinen met elkaar verbonden. De wereld is divers. Geen supermacht kan nog echt delen van de aarde domineren. Lotsverbondenheid en transparantie zijn de kenmerken van de nieuwe tijd. Leven als een straatarme of steenrijke 'Robinson Crusoë' is er niet meer bij. Nederland is Nederlandje en Caïro en Mumbai liggen om de hoek.