Research
Reports and papers
Bescherming van minderheden als criterium bij EU-uitbreiding:de Europese Commissie en Midden-Europa
In deze analyse van de rapportage van de Europese Commissie over bescherming van minderheden in Centraal-Europa wordt betreurd dat niet is uitgegaan van één of meer leidende beginselen. In het bijzonder het discriminatieverbod zoals vastgelegd in het Internationaal Verdrag inzake Burger- en Politieke Rechten, zou een handzame basis hebben gevormd. In plaats hiervan heeft de Commissie verlangens geuit die per land en per minderheid verschillen, die vaak op gespannen voet met elkaar staan, en die bovendien in een aantal gevallen geen internationaal-juridische basis hebben.
De studie constateert onder meer dat ten aanzien van de Roma de nadruk sterk ligt op integratie, wat inhoudt dat deze minderheid een stuk van haar identiteit zou moeten inleveren. Daarentegen steunt de Commissie wat betreft de Hongaarse minderheden in Slowakije en Roemenië omstreden verlangens wat betreft parallel onderwijs, vormen van autonomie en collectieve deelname aan de politieke besluitvorming op centraal niveau.
De auteur van dit Essay, Drs. J.W. van der Meulen, is als medewerker voor Centraal- en Oost-Europa verbonden aan de afdeling Onderzoek van het Instituut Clingendael. Hij publiceerde de afgelopen jaren onder meer over minderhedenvraagstukken, asielproblemen, grensoverschrijdende samenwerking en partijvorming in Centraal-Europa. In 2002 verscheen van zijn hand een studie over de oostgrens van Polen vóór en na de EU-uitbreiding.