Research

Op-ed

Geen nieuwe Koude Oorlog te verwachten

18 Jun 2007 - 11:11
De Verenigde Staten hebben de intentie om troepen en een raketschild te stationeren in Oost-Europese staten die vroeger tot het Warschaupact behoorden maar nu tot het westerse kamp. Dat zorgt voor spanningen.De afgelopen vijf jaar is het Russische defensiebudget verviervoudigd. Sinds december 2005 heeft president Poetin vanwege voor hem politiek onwelgevallige ontwikkelingen de energiekraan laten dichtdraaien naar Oekraïne, Georgië en Estland. Het concept van de nieuwe Russische militaire doctrine noemt de VS en de NAVO als voornaamste dreigingen. Poetin laat zich regelmatig fel uit over de 'dominante' westerse politiek en heeft recentelijk een moratorium voorgesteld op een cruciaal wapenbeheersingsverdrag tussen Rusland en de NAVO.

Al deze ontwikkelingen lijken erop te wijzen dat er een nieuwe Koude Oorlog is uitgebroken. Is deze aanname gegrond, en zo ja, wat valt eraan te doen?

Russische grieven

Er zijn nogal wat zaken die de Russen dwarszitten en die ten grondslag liggen aan hun negatieve opstelling jegens het Westen. Zo voelde Rusland zich genegeerd bij het NAVOingrijpen in voormalig Joegoslavië (Bosnië en Kosovo) in de jaren negentig. De oostwaartse uitbreiding van de NAVO ziet Rusland als een bedreiging. Het strategisch concept van de NAVO van 1999 kent de alliantie het recht toe om militair op te treden in de niet begrensde Euro-Atlantische regio, desnoods zonder toestemming van de VN.

Rusland heeft weliswaar een partnerschap met de NAVO -vormgegeven in de NAVO-Rusland Raad- maar heeft geen invloed op het militaire optreden van dit bondgenootschap.

Niet die landen zelf maar de NAVO regelt de luchtruimbeveiliging van de Baltische staten aan de grens met Rusland. De voorgenomen stationering van Amerikaanse troepen in Bulgarije en Roemenië en de plaatsing van een raketverdedigingssysteem in Polen en Tsjechië ziet Rusland als een bedreiging van zijn nationale veiligheid.

Is er nu inderdaad sprake van een nieuwe Koude Oorlog, die rond 1990 is verdwenen met de ondergang van het Warschaupact en de USSR? Ondanks de oplopende tegenstellingen tussen Rusland en het Westen gaat de diplomatieke en militaire samenwerking echter gewoon door. Zo is er een gezamenlijke Russisch-westerse aanpak van de kernwapenproblematiek met betrekking tot Iran en Noord-Korea. En anders dan tijdens het Kosovoconflict van 1999, toen die relaties eenzijdig door Rusland werden opgeschort, blijven de militaire en diplomatieke delegaties van de NAVO in Moskou en van Rusland op de NAVO-hoofdkwartieren in Brussel en Mons op hun post en zetten zij hun overleg voort. Voorts is er geen sprake van (de opbouw van) troepenmachten van oost en west tegenover elkaar, zoals dat destijds het geval was aan de Duitse grens. De antiwesterse toon van de nieuwe Russische doctrine is niet nieuw, de Russische veiligheidsdocumenten dragen al jarenlang een dergelijk karakter. Poetin weet dat het energiewapen veel meer dan het leger een positie van kracht genereert en gebruikt dit. Zo bezien is van verslechterende verhoudingen tussen het Westen en Rusland zeker sprake maar niet van een Koude Oorlog.

Rode lap

Het gaat niet goed met de oost-westrelaties, maar daar is zeker wel wat aan te doen.

Wellicht is het belangrijkste nog dat beide partijen elkaar serieus moeten nemen en rekening moeten houden met gevoeligheden van de ander.

Het voorstel van Poetin op de G-8 om de VS een Russische radarinstallatie in Azerbeidzjan te laten gebruiken voor hun raketschild is in dit verband -met alle mogelijke voorbehouden- als een positieve stap te waarderen. Verder zou Rusland moeten afzien van antiwesterse retoriek. Ook zou Moskou in zijn uitlatingen een duidelijk onderscheid moeten maken tussen reacties op Amerikaans en ander westers (NAVO-)beleid.

Zo is de troepenstationering in Oost-Europa een Amerikaanse zaak en niet van de NAVO.

Weldoordachtheid geldt ook voor het Westen, bijvoorbeeld voor militaire ontplooiing. De NAVO beveiligt het luchtruim van de Baltische staten met gevechtsvliegtuigen. Die weliswaar minimale militaire presentie nabij hun grens werkt bij Russen als een rode lap op een stier. De alliantie had dit kunnen voorkomen door de Baltische landen te voorzien van vliegtuigen en hun vliegers op te leiden. Ook de westerse afkeurende reacties op de rellen rond de verplaatsing van het Russische oorlogsmonument in Tallinn had minder expliciet kunnen zijn: het was niet handig van Estland om deze actie kort voor de Russische bevrijdingsdag van 9 mei uit te voeren. Dat had ook op een ander moment gekund.

Het is aannemelijk dat de verharding tussen het Westen en Rusland op politiek topniveau nog wel zal voortduren, zeker tot aan de Russische presidentsverkiezingen. Verbetering van de relaties moet daarom onderaan beginnen: samenwerking door en uitwisseling tussen studenten en militairen. Deze benadering werpt goede vruchten af maar vindt nu slechts op kleine schaal plaats. Intensivering van dergelijke projecten leidt tot wederzijds vertrouwen en uiteindelijk ook tot verbetering van de relaties in de politieke top.