Research

Trade and Globalisation

Op-ed

Laat Obama democratie Egypte dienen

31 Jan 2011 - 08:47

'Obama de Pragmaticus'. Prima, hij past bij een wereld waarin andere grootmachten opkomen. Militair zijn de Verenigde Staten nog een supermacht maar andere dimensies, zoals de economische en religieuze, zijn ook bepalend voor de invloed die je kunt uitoefenen.

 

Maar te veel voorzichtig pragmatisme leidt tot kostbare fouten in het Midden-Oosten en wijde omgeving. Toen het politieke verzet in Iran zich op straat manifesteerde, zweeg Obama. Tijdens zijn befaamde toespraak in Caïro sprak hij over universele waarden, maar niet over mensenrechtenschendingen in Egypte. In Ghana sprak hij wel over 'goed bestuur' en de kansen om 'Afrika's machtige potentieel te ontsluiten' maar het waren vooral mooie woorden.

Zijn buitenlanddoctrine is gebaseerd op sleutelbegrippen als verbondenheid en stabiliteit. De 'wereldburger'-president heeft een scherp oog voor andere, ook politieke, culturen en spreekt niet gauw van unieke Amerikaanse idealen. Hij is relativist en realist. Gruwelt van de democratische agenda die Bush presenteerde aan Irak en in feite de regio. Is ook wars van 'nation-building' van buitenaf. Dus Irak voor de Irakezen, Afghanistan voor de Afghanen en Egypte voor de Egyptenaren.

Maar pragmatisme kan gemakkelijk ontaarden in opportunisme als er geen grenzen aan zijn. Als het onvoldoende gerelateerd wordt aan idealen. In dat opzicht kan Obama nog leren van Bush.

In de internationale betrekkingen is voortdurend een botsing gaande tussen twee Amerika's. Daar is het verheven Amerika dat als 'shining city upon a hill' een hoeder van de democratie is. In Egypte zou Washington dan volop moeten kiezen voor de 'Arabische straat' want de demonstranten smeken om precies de burgerlijke vrijheden die Amerikanen al hebben. Maar er is ook het machtige Amerika dat als supermacht voor zijn economische en veiligheidsbelangen steunt op autoritaire machthebbers als Mubarak.

Obama moet uitstijgen boven die paradox. De geschiedenis leert dat dictaturen eindig zijn. Daar had Ronald Reagan het gelijk aan zijn zijde. De voorbeelden van Franco tot en met voormalige communistische dictaturen liggen voor het oprapen. Democratie is op den duur het succesvolste model. Alleen al in Afrika worden dit jaar dertig verkiezingen georganiseerd waarop internationale monitoren zullen toezien.

Obama moet zich niet door angst laten leiden. De volksopstand in Iran destijds bracht inderdaad het moslimfundamentalisme aan de macht. Dat kwam vooral omdat het Westen de burgerlijke middenklasse onvoldoende steunde en faciliteerde.

Kijk naar feiten in Egypte. De revolte is ontketend door duizenden middenklasse-jongeren en niet door de moslimbroederschap. Uit recente wikileaks blijkt dat Washington die activisten trainde in New York maar hun plannen werden 'onrealistisch' genoemd. Nog afgelopen vrijdag zei vicepresident Joe Biden 'dat Mubarak geen dictator is.' Weet hij werkelijk niet wat in de martelkamers gebeurt?

Alleen achter de schermen hebben Amerikanen, inclusief Obama, gewezen op noodzakelijke hervormingen. Dat is 'oude politiek'. Inderdaad, Obama heeft in het weekeinde zijn koers verlegd en oefent nu meer openbare druk uit daadwerkelijk over te gaan tot hervormingen. Maar de gematigde president is te veel reactief.

Om geloofwaardig te blijven, moet Obama vol zelfvertrouwen partij kiezen voor de 'Arabische straat'. Wie zijn gezonde verstand gebruikt, ziet dat een nieuwe generatie van 'first globals' (John Zogby, Business Week) echt nieuwe politiek bedrijft. Grenzen bestaan niet meer voor deze 'facebook'-jongeren. Al twitterend zullen zij generatiegenoten in de Arabische wereld aansteken.

Caïro ligt in het hart daarvan. Amerika staat op een kruispunt. Juist Obama met zijn Afrikaanse en moslimachtergrond moet aan de juiste kant van de geschiedenis staan en moed tonen. Hij heeft een historische kans om Amerika's prestige structureel te verbeteren.