Research

Op-ed

Obama is reëel over Midden-Oosten

14 Jan 2009 - 19:13
Obama presenteerde zich in de campagne als op en top pragmaticus, wars van vastgeroeste doctrines. Keer op keer zei hij louter naar werkbare oplossingen te willen zoeken. Zijn inspiratiebron is het relativerende christelijk realisme van de Duits-Amerikaanse filosoof Reinhold Niebuhr. Hij gelooft niet in de uniciteit en het waanbeeld van een ideologie. Hij denkt transnationaal, beschouwt de wereld als een 'global village' en appelleert aan de verantwoordelijkheid van iedere wereldburger.

Het betekent dat wij zeker ook wat betreft het Midden-Oosten een genuanceerdere politiek mogen verwachten. De patstelling tussen Washington en Teheran wil Obama doorbreken door, eerst op relatief laag niveau, diplomatieke onderhandelingen aan te vangen. Diverse Europese leiders gaven al aan akkoord te gaan met verscherpte sancties tegen Iran, maar dan wel nadat eerst onderhandelingen plaats hebben gevonden. Iran kan al binnenkort over kernwapens beschikken, dus spoed is geboden.

De onderlinge afhankelijkheid in onze wereld neemt steeds meer toe. Een gelijktijdige aanpak van brandende kwesties kan nieuwe diplomatieke openingen bieden en wederzijds vertrouwen wekken. Zonder een oplossing van het Palestijns-Israëlisch conflict wordt geen echt nieuw momentum in het Midden-Oosten gecreëerd.

Clinton en Bush II spraken over de unieke relatie met Israël. Clinton repte zelfs van een 'wonderbaarlijke, spirituele band'. Obama sprak zijn onvoorwaardelijke steun voor de staat Israël uit, maar stond in de staat Illinois ook bekend als ambassadeur van de Palestijnse zaak. Keer op keer zei hij dat het een 'morele plicht' is op te komen voor het Palestijnse volk. Ook was hij voor een dialoog met gematigde Hamas-leden.

Obama verliest alle geloofwaardigheid als hij zich aan dit verleden onttrekt. Juist Obama kan als vriend van Israël en het Palestijnse volk bij uitstek gemeenschappelijke grond in kaart brengen en consensus bereiken.

Het is begrijpelijk dat de haviken in de Israëlische politiek Obama's nieuwe Midden-Oostenpolitiek niet wilden afwachten. Met de Gaza-interventie creëren ze tijd om unilateraal te handelen, met de zegen van president Bush.

Een van Obama's topprioriteiten op buitenlands terrein is het oppoetsen van het geschonden Amerikaanse imago. Dat betekent een terugkeer naar een meer traditionele Midden-Oostenpolitiek, met Washington als 'eerlijk makelaar'. Tot en met de eerste Bush had Washington een scherp oog voor de brede Amerikaanse economische en veiligheidsbelangen in het Midden-Oosten. Eisenhower veroordeelde in de jaren vijftig scherp het militaire, neokoloniale geweld van Israëls bondgenoten Frankrijk en Groot-Brittannië bij de Suezcrisis. Hij dreigde zelfs met economische sancties. Onder Nixon pendelde Kissinger om ook in het Midden-Oosten een 'balance of power' te realiseren. Bush I oefende tijdens de eerste Golfoorlog met succes druk op Israël uit om af te zien van militair geweld tegen de dreiging van binnenvliegende scudraketten.

Onderhandelingen over de Palestijns-Israëlische kwestie werden uiteindelijk ondermijnd door een eenzijdige Amerikaanse politiek die a priori uitging van het gelijk van Israël. Bush verklaarde kortweg dat in de wereld na '11 september' Israël in de regio de enige, echte betrouwbare hoeksteen tegen het terrorisme is.

Obama zal meer oog hebben voor nuances en de 'soft power' van de VS. Dat betekent concreet dat hij op korte termijn, anders dan Bush, een speciale gezant zal sturen naar het Midden-Oosten. Samen met onder meer de EU zal hij proberen het vertraagde proces van de routekaart vlot te trekken.

Het geweld in Gaza en de te verwachten aanslagen in Israël zijn voor de gematigden aan beide kanten van het conflict het zoveelste bewijs dat een diplomatieke doorbraak niet lang op zich mag laten wachten.

De Amerikaanse president heeft in zijn wittebroodsweken de wind in de zeilen. Zeker ook buiten Amerika heeft hij veel krediet opgebouwd. Ik verwacht dat Obama niet de fout zal maken zich uitsluitend op de economische problemen te storten. Bij niet diplomatiek interveniëren zal zijn goodwill, en daaraan gerelateerd gezag, als sneeuw voor de zon verdwijnen. Hij moet nu handelen en zijn 'Yes we can'-mentaliteit projecteren op politici die de spreekbuis zijn van miljoenen mensen die in veiligheid en vrede willen leven.