Research

Articles

Ook de moderne oorlog kan verrassingen niet uitbannen

15 Mar 2006 - 00:00
In de vannacht uitgebroken oorlog tegen Irak geldt volgens Kees Homan onverminderd wat de krijgskundige Von Clausewitz lang geleden als volgt formuleerde: 'Alles is zeer simpel in de oorlog, maar het simpele is moeilijk'.De afgelopen nacht uitgevoerde luchtbombardementen op Bagdad vormen de inleiding van de Amerikaanse aanval op Irak. Onvoorziene omstandigheden - uit informatie van inlichtingendiensten zou zijn gebleken dat de top van de Ba'ath-partij zich op een lokatie had verzameld, wat voor de Amerikanen een interessant gelegenheidsdoel vormde - hebben de Amerikanen ertoe gedwongen hun acties deels te vervroegen.

De militaire confrontatie met Irak is de eerste toepassing van de Bush-doctrine, zoals deze is verwoord in de vorig jaar september gepubliceerde 'National Security Strategy of the United States'. In dit document verkondigen de Verenigde Staten dat zelfs wanneer onzekerheid bestaat over de tijd en plaats van een vijandelijke aanval zij - indien noodzakelijk - preëmptief zullen handelen om zo'n aanval te verhinderen of te voorkomen.

Het Amerikaanse krijgsplan dat nu spoedig zal worden uitgevoerd, is de resultante van een maandenlang touwtrekken tussen de politieke en militaire top in het Pentagon. Terwijl minister van Defensie Rumsfeld en zijn plaatsvervanger Wolfowitz voorstander waren van een strijdmacht van minder dan 100.000 man, wisten de Amerikaanse bevelhebber in het gebied, generaal Franks, en zijn staf uiteindelijk hun politieke bazen ervan te overtuigen dat een invasiemacht van meer dan 200.000 man noodzakelijk was.

In totaal omvat de door de Amerikanen geleide 'coalitie' zo'n 280.000 militairen, onder wie 45.000 Britten en 2.500 Australiërs. Tijdens de vorige Golfoorlog was sprake van een veel grotere en brede coalitie met 725.00 militairen, onder wie 295.000 niet-Amerikaanse militairen afkomstig uit dertig landen.

Tengevolge van de voortschrijdende technologie kunnen de Amerikanen echter een zeker zo'n effectieve gevechtskracht ontplooien als tijdens de vorige oorlog.

Voor het 'prepareren' van het slagveld hebben de Amerikanen en Britten in het kader van de operatie 'Desert Fox' het aantal vluchten boven de 'no-fly zones' in Irak de laatste maanden drastisch opgevoerd, waarbij zware schade is aangericht aan de Iraakse luchtverdediging en verbindingssystemen en een schat aan inlichtingen en informatie over doelen is verkregen. Daarnaast zijn psychologische operaties uitgevoerd met het uitwerpen van zo'n zeventien miljoen pamfletten en met radio-uitzendingen vanuit vliegtuigen.

Bovendien bevinden zich al geruime tijd speciale eenheden op Iraaks grondgebied, die contact hebben gelegd met oppositiegroepen en inlichtingen hebben verzameld over de Iraakse krijgsmacht.

Optimisten gaan ervan uit dat de psychologische effecten van de shock and awe (schok en verbijstering) van de 3.000 precisie-geleide bommen en kruisraketten, die de coalitie de eerste dagen tegen Iraakse doelen inzet, voldoende zijn voor de meerderheid van de Iraakse krijgsmacht om de strijd te staken.

Dat de Amerikanen bij hun bombardementen precies tewerk willen gaan, blijkt ook uit het feit dat tientallen militaire juristen in het operatiegebied aanwezig zijn om zeker te stellen dat de doelen toegestaan zijn onder het oorlogsrecht.

Het Amerikaanse optreden in Irak is een belangrijke proeftuin voor de 'transformatie' van de Amerikaanse krijgsmacht, waarin informatietechnologie een dominante rol speelt.

Het concept van de 'Network Centric Warfare' omvat netwerken van sensoren, wapenplatforms en informatie die aan elkaar gekoppeld zijn. Dit verhoogt de transparantie op het gevechtsveld en verbetert het reactievermogen en de accuratesse van de aanvallen. Anders gezegd: de tijd die verstrijkt tussen de identificatie van een doel en de inzet van een wapensysteem wordt minimaal.

Een belangrijk verschil met vorige militaire campagnes is dat Irak geconfronteerd zal worden met de vrijwel gelijktijdige inzet van alle typen van offensieve strijdkrachten: land-, zee-, lucht- en amfibische strijdkrachten; speciale eenheden en informatie-oorlogvoering. Dit maakt de besluitvorming voor Saddam Hussein zeer gecompliceerd.

Het Amerikaanse plan voorziet in twee grote fronten. Vanuit Koeweit zullen Amerikaanse en Britse troepen oprukken naar het 600 kilometer verder gelegen Bagdad. Nu de Amerikaanse 4de infanteriedivisie niet via Turkije in Noord-Irak kan worden ontplooid, zullen de 101ste Airborne Division en/of de 82ste Airborne Division vanuit Koeweit door de lucht in deze regio worden ingezet, om een tweede front te vormen.

Daarnaast zullen de Amerikanen een deel van deze troepen waarschijnlijk West-Irak invliegen om mogelijke Scud-raketten die Israël kunnen bereiken onschadelijk te maken.

Het eerste belangrijke wapenfeit van de coalitie zal waarschijnlijk de verovering van de grote zuidelijke stad Basra zijn. De verwachting is dat de bevolking van deze stad de Amerikaanse en Britse mariniers uitbundig zal verwelkomen, waardoor de invasie een positief beeld in de wereld kan krijgen en de Iraakse weeerstand elders in het land aan kracht zal inboeten.

Uit recente verplaatsingen van het Iraakse leger valt af te leiden dat Saddam Hussein reeds de strategische beslissing heeft genomen het zuiden en noorden van Irak op te geven en de verdediging in Centraal-Irak te gaan voeren. Hierbij spelen de aan Saddam Hussein getrouwe Republikeinse Garde (70.000 man), de speciale Republikeinse Garde (25.000 man) en de Speciale Veiligheidsdienst (1.500 man) de hoofdrol.

De naderingswegen naar Bagdad worden door drie pantserdivisies van de Republikeinse Garde beschermd. Loopgraven rondom de hoofdstad zijn met olie gevuld, zodat ze in brand kunnen worden gestoken om het gevechtsveld te verduisteren en het moeilijker te maken voor luchtstrijdkrachten om hun doel te treffen. Voor de Amerikaanse satelliet-geleide bommen vormt dit echter geen belemmering. In en rondom Bagdad staan talloze luchtdoelraketten, zware machinegeweren en luchtdoelartillerie opgesteld.

Naar verwachting zal Saddam Hussein vele wapens plaatsen nabij appartementsgebouwen, ziekenhuizen, scholen en moskeeën. De Iraakse dictator zal er ongetwijfeld voor zorgen dat hierdoor voldoende burgers om het leven komen om, gebruik makend van de media, onrust of rellen in andere Arabische hoofdsteden en grootschalige protesten in het westen te veroorzaken.

Het vechten in stedelijke gebieden vormt zelfs voor moderne strijdkrachten als die van de Amerikanen een van de moeilijkste vormen van oorlogvoering. Wie herinnert zich niet de geavanceerde Amerikaanse helikopters die in Mogadishu (Somalië) door eenvoudige schoudervuurwapens naar beneden werden gehaald.

Door de aard van het stedelijk terrein gaan de voordelen van luchtstrijdkrachten, pantsereenheden en geavanceerde verbindingen grotendeels verloren. En de Amerikaanse technologie voor dit soort gevechten staat nog in de kinderschoenen.

Voordat de strijd om Bagdad begint kan Saddam Hussein echter nog voor vele verassingen zorgen om de opmars van de Amerikaanse en Britse eenheden te vertragen. Zo wordt er rekening mee gehouden dat de Iraakse dictator chemische of biologische wapens zal inzetten.

Ook zijn er aanwijzingen dat het Iraakse leger munitie en springstoffen naar de olievelden heeft getransporteerd om deze in brand te steken. Daarnaast zijn er plannen gemaakt om de dammen in de Eufraat op te blazen.

Los hiervan zullen de coalitie-troepen zich in hun opmars moeten ontfermen over vele krijgsgevangenen en hulp, water en voedsel moeten verstrekken aan vele vluchtelingen. Deze zogenoemde 'force eaters' kunnen een behoorlijke aanslag op de gevechtskracht betekenen.

Kortom, ook in de hedendaagse oorlogvoering speelt de 'frictie' - de onvoorspelbare zaken die eigen zijn aan oorlog - van de Pruisische krijgskundige Von Clausewitz nog steeds een rol: "Alles is zeer simpel in de oorlog, maar het simpele is moeilijk".