De no-flyzone boven Libië is niet bijster effectief. De NAVO kan beter de opstandelingen bewapenen.
Naast Afghanistan dreigt Libië een tweede lakmoesproef te worden voor de effectiviteit en geloofwaardigheid van de NAVO. De NAVO-luchtoperaties boven Libië gaan immers hun achtste week in, en de teller staat inmiddels op zo'n 6.000 vluchten. Op de grond is sprake van een zekere patstelling en in Misrata dreigt zich een humanitaire ramp te voltrekken. Zo hebben troepen van Kadhafi de afgelopen week een internationaal hulpschip dat mensen vanuit de belegerde haven van Misrata evacueerde met raketten beschoten. Ze hebben mijnen bij de haven geplaatst en olietanks in brand geschoten.
Hoewel alle lidstaten op politiek niveau uiteindelijk akkoord zijn gegaan met de NAVO-operatie Unified Protection vertonen hun militaire bijdragen een nogal pluriform beeld. Ze kunnen de vorm aannemen van luchtaanvallen, verkenningsvluchten en enige militaire ondersteuning. Sommige lidstaten - zoals Duitsland en Hongarije - hebben zich helemaal afzijdig gehouden. Onze oosterburen zagen zich genoodzaakt hun bemanningsleden uit de NAVO AWACS-vliegtuigen terug te trekken. Duitsland staat langzamerhand bekend als een land dat wel wapensystemen produceert en exporteert, maar als het erop aankomt, weigert ze zelf te gebruiken. De Britse defensiedeskundige Julian Lindley-French spreekt zelfs over de NAVO-operatie 'Protection Disunity' in plaats van Unified Protection.
De hoop aan het begin van de operatie dat de instelling van een no-flyzone voldoende zou zijn om Kadhafi te doen inbinden, is echter nog geen strategie. Recente ervaringen met no-flyzones leren dat deze onvoldoende zijn om de beoogde doelstellingen te realiseren.
Zo werd bij de inzet van het luchtwapen in Kosovo aanvankelijk verkondigd dat er 120 tanks vernietigd waren, terwijl het er uiteindelijk slechts 14 bleken te zijn. Verder bleken er niet 220 gepantserde voertuigen vernietigd te zijn, zoals aanvankelijk werd beweerd, maar niet meer dan 18. Bij de mobiele stukken artillerie bedroegen de cijfers respectievelijk 450 en 20. Milosevic capituleerde dan ook pas nadat luchtaanvallen uitgevoerd werden tegen de Servische militaire en civiele infrastructuur, in samenhang met het intrekken van de Russische steun voor Servië.
Ook de no-flyzone boven Noord- en Zuid-Irak (1991-2003) voorkwam niet dat Saddam Hoessein, voortging zijn bevolking te terroriseren. Zo sloeg hij - ondanks de no-flyzone - met 40.000 militairen, 300 tanks en 300 stukken artillerie in 1996 een kortdurende opstand neer.
Noodgedwongen is inmiddels bij de operatie in Libië zowel sprake van mission creep (uitbreiding van de aanvankelijke doelstellingen) als van escalatie. Naarmate het conflict langer duurt, wordt de interpretatie van de VN-resolutie 1973 van 11 maart steeds verder opgerekt. Hoewel het aanvankelijk ging om een humanitaire missie om de bevolking te beschermen, maakten Obama, Cameron en Sarkozy in een gezamenlijke verklaring duidelijk dat ook het Ka- dhafi-regime moet verdwijnen.
Daarnaast voeren Britten, Fransen en Italianen de laatste tijd het tempo van hun luchtaanvallen op de infrastructuur van Kadhafi in Tripoli op, en hebben ze ook militaire adviseurs naar de rebellen gestuurd. De Amerikanen hebben drones (onbemande vliegtuigjes) ingezet die langdurig boven stedelijke gebieden kunnen vliegen en daardoor met grotere snelheid en precisie kunnen reageren dan bemande vliegtuigen die patrouilleren.
Conventionele luchtstrijdkrachten alleen zijn echter niet voldoende om de standvastigheid van een tegenstander te breken. Aangezien geen enkele NAVO-lidstaat bereid is grondtroepen in te zetten en luchtaanvallen ook geen succes garanderen, dient nu snel besloten te worden de rebellen te bewapenen en ze om te vormen tot een meer competente strijdmacht.
Vorige week heeft de internationale Contactgroep voor Libië de Nationale Overgangsraad - die de Libische rebellen vertegenwoordigt - aan het financiële infuus gelegd voor de leverantie van voedsel, medicijnen en het betalen van salarissen. Maar niet voor het leveren van wapens.
Zoals bekend kunnen de rebellen slechts beschikken over nogal primitieve wapens, die voor een deel in een ondergronds netwerk van werkplaatsen in elkaar worden gesleuteld. De noodzaak om hen van wapens te voorzien wordt steeds urgenter. Zij hoeven geen strijdmacht te vormen die kan opmarcheren naar Tripoli, maar een die in staat is de reeds ingenomen posities te verdedigen. Het zou dan moeten gaan om 'defensieve' wapens, zoals anti-tankwapens en verbindingsapparatuur. De buitenlandse adviseurs zouden hun trainingsactiviteiten op het gebied van inlichtingen en logistiek kunnen uitbreiden tot het adviseren bij de opbouw van deze strijdmacht. Zonder uitvoering van deze enige haalbare en onvermijdelijke optie, wordt de humanitaire ramp in Misrata alleen maar groter.