Research
Articles
Stop het navelstaren en blijf in Uruzgan
Volgens een wonderlijke gelegenheidscoalitie moet eind 2010 een einde komen aan de Nederlandse missie in Uruzgan. Er is een gebrek aan een fundamentele discussie in ons land waarbij de burgers betrokken zijn. Terwijl de wereld in snel tempo een steeds gevaarlijker 'global village' wordt, doen wij vooral aan navelstaren.
De politieke leiders behoren in de Tweede Kamer het volk van Nederland nu eindelijk eens goed uit te leggen dat achter vrijwel iedere grote aanslag, of poging, zoals waarschijnlijk ook boven Detroit Eerste Kerstdag, het Al-Kaida-netwerk zit. Deze internationale terroristen zorgen voor een nauwelijks te bevatten gevaar.
President Obama zegt in vrijwel iedere toespraak over het buitenland dat het traject tussen verrijkt uranium en het daadwerkelijk produceren van kernwapens steeds korter wordt. Zijn retorische vraag luidt steevast: "Waarom zouden terroristen die wapens niet willen verkrijgen en gebruiken?"
Terroristen zitten overal in de wereld maar het is een feit dat de regio Afghanistan-Pakistan een belangrijk Al-Kaida-centrum is. Nu Obama, zo anders dan Bush, het accent heeft gelegd op de stabilisatie van Afghanistan, moet Nederland de nieuwe Amerikaanse strategie blijven ondersteunen. Afspraken die gemaakt zijn in het Bush-tijdperk komen daarmee in een ander licht te staan.
Juist president Obama heeft ons Hollandse Afghanistanmodel voortdurend ten voorbeeld gesteld aan de internationale gemeenschap. De Amerikaanse aanpak zou naast een militaire ook een burgerlijke opbouw moeten bevatten. Hillary Clinton noemde die verstrengeling van 'soft' en 'hard power' ten tijde van de Haagse Afghanistanconferentie van 31 maart 2009 'smart power'. Clinton schreef in een brief aan alle Amerikaanse ambassades in de wereld zelfs dat "uiteindelijk diplomatieke middelen beslissend zijn voor het succes van onze plannen".
Wat een breuk met het zo eenzijdige buitenlandbeleid in de eerste jaren onder Bush. "Amerikaanse militairen zijn er niet voor om kinderen naar school te brengen in oorlogsgebieden", hoorden we toen smalend vanuit Washington.
Obama stuurt 30.000 extra militairen naar de regio. Nederlandse militairen en andere hulpverleners verrichten aantoonbaar goed werk. Uiteindelijk heeft Nederland een eigen verantwoordelijkheid en kan het niet blijven wijzen naar andere, (meer) passieve landen. Als trouwe bondgenoot moet Nederland niet de positie van een Amerikaanse president ondermijnen, die in hoofdlijnen onze aanpak wil overnemen.
Daar waar Washington zware druk uitoefent op Den Haag vind ik wel dat wij ook pressie moeten uitoefenen om het Hollandse Model nog beter te implementeren. Obama heeft namelijk ten aanzien van die 'civilian surge' nog niet echt verregaande maatregelen genomen.
Vorige maand congresseerde in Washington de 'Aspen Political Group', bestaande uit oud-ministers van buitenlandse zaken van over de hele wereld waaronder Madeleine Albright en Jozias van Aartsen. De conclusie van het eindrapport luidde "dat meer gedaan moet worden aan effectieve maatregelen ten aanzien van de wederopbouw van het land." Onder effectief verstaat deze invloedrijke groep onder meer het creëren van de functie van centrale 'burgerlijke toezichthouder' als directe collega en spiegelbeeld van de militaire commandant van Isaf. Daarnaast moet de Wereldbank een internationale commissie vormen om grote infrastructurele projecten te financieren en te begeleiden.
Nederland heeft in Afghanistan de afgelopen jaren zijn militaire én burgerlijke verantwoordelijkheid genomen. Ook de Verenigde Staten en andere bondgenoten moeten daadwerkelijk steun en inhoud geven aan concrete maatschappelijke wederopbouw in de brede zin van het woord. Er is dan geen enkele inhoudelijke reden waarom Nederland niet tot de door Obama genoemde einddatum in 2011 kan blijven in Uruzgan.
Nogal wat progressieve Democraten zijn teleurgesteld in de harde militaire lijn van Obama. Bloggers noemen hem al spottend Lyndon B. Obama. Dat is vooralsnog onzin. De Vietnam-oorlog was een exclusief Amerikaanse oorlog. De strijd tegen het internationale terrorisme is een internationale. Steun de Verenigde Staten, maar wel op basis van het Hollandse Model.