Research

Articles

We moeten meer contact hebben met de Russen

22 Jul 2008 - 10:52
De diplomatieke betrekkingen met Rusland zouden veel baat hebben bij direct contact tussen jonge Russen en Europeanen.Vladislav Inozemtsev stelt dat Rusland nog geen machtswisseling heeft meegemaakt (Forum, 26 juni). Inozemtsev pleit voor een behoedzaam Europees optreden, beginselvast in essentiële kwesties en begripvol in onbeduidende. Maar waar ligt de scheiding tussen belangrijke en te verwaarlozen zaken?

Ik zie liever een drieledig Europees beleid van conflictvermijding, standvastigheid en samenwerking. Conflictvermijding, door geen westerse militaire eenheden te plaatsen nabij de grens met Rusland, zoals nu wel gebeurt met NAVO-vliegtuigen boven de Baltische staten en binnenkort met Amerikaanse troepen in Bulgarije en Roemenië.

Maar ook standvastigheid, door te beklemtonen dat Rusland het NAVO-lidmaatschap van Georgië en Oekraïne niet mag dwarsbomen. Standvastigheid is de juiste benadering willen we niet nog meer terrein verliezen op de Russische energiegigant, die voortdurend Europese energiestromen tracht te blokkeren.

Naast conflictvermijding en standvastigheid moet samenwerking de derde pilaar zijn van de westerse houding jegens Rusland: participeren is beter dan confronteren.

Intensivering van samenwerking van onderaf kan ook tot verbetering op internationaal-politiek niveau leiden. Voor die samenwerking zijn tal van opties denkbaar, van militaire oefeningen tot studentenuitwisselingen. Uit eigen ervaring noem ik wat concrete voorbeelden.

Hobby's

Als militair docent humanitair oorlogsrecht heb ik deelgenomen aan een cursus met kolonels uit de voormalige Sovjet-Unie. Als enige niet-voormalige Sovjet-militair in de cursus toonde ik belangstelling en begrip voor hun standpunten over oorlogsrecht.

Daardoor hadden de Russische kolonels er geen probleem mee dat ik een lezing gaf over humanitair oorlogsrecht en het Tsjetsjeense conflict. Meningsverschillen bleven, maar we toonden respect voor elkaars argumenten.

Een dergelijke samenwerking neemt het wantrouwen weg en opent de ogen voor andere meningen. Zulke militaire broederschap heb ik ook ervaren als wapenbeheersingsinspecteur met controlebezoeken aan (Wit-) Russische strijdkrachten.

Die inspecties verlopen professioneel maar ze zijn ook gezellig.

Informatie van militaire zaken tot hobby's worden zo uitgewisseld. Dat kweekt saamhorigheid, wederzijds begrip en goodwill. Het is daarom betreurenswaardig dat Rusland in december 2007 het Verdrag voor de Conventionele Strijdkrachten in Europa opschortte, waardoor het merendeel van deze inspecties zijn stilgelegd.

Onderwijs

Een andere optie van samenwerking ligt in het onderwijs. Ik geef jaarlijks gastcolleges aan de bestuurskunde-academie van Wolgograd over uiteenlopende onderwerpen van het Nederlands defensie- en veiligheidsbeleid tot de vermeende nieuwe Koude Oorlog tussen Rusland en het Westen. Dan roepen Westerse visies natuurlijk wisselende reacties op. Zo moet ik vooral niet de term 'energiewapen' laten vallen.

En als ik vraag waarom het NAVO-lidmaatschap van Georgië en Oekraïne een bedreiging vormt voor Rusland blijft het stil, het zet de Russische studenten aan het denken.

Verder hebben zij een grote belangstelling voor wat hier gebeurt. Zo kreeg ik eens de vraag of we dienstplicht hadden en of onze militairen ook werden gemarteld door ouderejaars. Dan kun je een boel uitleggen. Juist voor de jongere Russen, die nog niet zijn ingepakt in een systeem en hun meningen willen toetsen, is samenwerking de sleutel tot verbetering van de betrekkingen van onderaf.

De tijd is rijp voor intensivering van samenwerking op intermenselijk niveau. Veel meer dan tot nog toe moeten beide partijen - Rusland en het Westen - hierop insteken. Ik merk bij Russische vertegenwoordigers een positieve grondhouding, evenals bij ons ministerie van Buitenlandse Zaken, zeker op grond van de recente Ruslandnota's van minister Verhagen.

Omdat de jongerencultuur grensoverschrijdend is - zo wemelt het van de skaters voor de Hermitage in St. Petersburg - liggen hier wellicht nog de beste mogelijkheden voor verbetering van de betrekkingen. Uitwisselingen van civiele én militaire studenten kunnen hierbij een belangrijke rol spelen. De genoemde Wolgogradse academie voor bestuurskunde staat al te popelen om met Nederlandse onderwijsinstanties - zowel civiele als militaire - dergelijke samenwerking aan te gaan.