Research

Tech & Digitalisation

Articles

India en Nederland: samenwerken voor meer strategische autonomie

08 Nov 2022 - 16:35
Bron: Unsplash

Maaike Okano-Heijmans, Senior Research Fellow & Lead Geopolitics of Technology and Digitalisation, gaat de Tweede Kamercommissie Buitenlandse Zaken bijpraten over India op woensdag 16 november. Hieronder vind je haar position paper.

India wordt door het Westen – Nederland incluis – vaak beschouwd als een ‘swing state’. In een multipolaire wereldorde zal India een steeds belangrijkere rol spelen als (geo)politieke macht, zeker ook omdat het binnenkort in inwonertal China voorbij gaat. India heeft daarmee één van ’s werelds grootste markten, en speelt een belangrijke rol voor de veiligheid in de Indo-Pacific regio en daarbuiten. Nederland zal zich daarbij steeds meer tot India moeten verhouden op een manier die India wenselijk acht.

In de afgelopen jaren werd in officiële speeches en verklaringen vaak aan India gerefereerd als ‘gelijkgezind land’ met wie we normen en waarden delen, evenals een democratie en een marktgeoriënteerde economie. Deze gelijkgezindheid staat echter onder druk nu de nationalistische regering van Minister President Narendra Modi structureel minderheidsgroepen in eigen land discrimineert en mediavrijheden inperkt. De onbereidheid van India om zich aan ‘onze’ kant te scharen, en eenduidig de inval van Rusland in Oekraïne te veroordelen, verraste velen in Europa en ondermijnt de gelijkgezindheid.

Het is beter om over India te spreken als een land met gedeelde belangen – met name waar het gaat over multipolariteit en omgaan met China. India heeft de tijd van non-alignment achter zich gelaten, en zoekt de laatste jaren meer aansluiting bij de Verenigde Staten, Japan en Australië (in Quad-verband), en met de Europese Unie. Dit is vooral ingegeven door zorgen over de groeiende aanwezigheid en invloed van China in India zelf (via investeringen en handel), in de regio (betwist grensgebied, en in landen en zeeën om India heen), en in multilaterale instellingen. Europa deelt deze zorgen van India over inperking van de eigen strategische autonomie, en over (economische) veiligheid en weerbaarheid.

Als zodanig is India een belangrijke partner voor Nederland en de EU. Naast Japan is India namelijk het enige Aziatische land dat op de langere termijn tegenwicht kan en wil bieden aan China’s invloed in de regio. Het is dan ook hoog tijd voor een nieuw narratief en andere invulling van de relatie met India.

Narratief en gedeelde belangen

Nu economische veiligheid en open strategische autonomie voor Nederland speerpunten van beleid zijn geworden, zijn er twee overkoepelende vragen/doelen die centraal zouden moeten staan in de relatie van Nederland en de Europese Unie met India:

(1) Kan India de EU helpen om haar afhankelijkheid van China te verminderen?

Onder President Modi poogt India haar eigen productiecapaciteit te vergroten middels de ‘Make in India’ campagne1 , die wil diversifiëren van de huidige waarde- en aanvoerketens die geconcentreerd zijn op China. India verwelkomt een grotere rol van Europese landen in de Indiase economie om die eigen economie te versterken, maar ook omdat het van mening is dat de huidige focus van de Europese bedrijven op China juist China helpt om militair sterker te worden.

(2) Kan de EU India helpen om haar afhankelijkheid van Rusland te verminderen?

India is vrij duidelijk in haar wens om al te grote afhankelijkheid van Rusland in het militaire domein te verminderen, en vraagt bijvoorbeeld waarom Europese tanks niet naar India gaan. Europese landen hebben belang bij zo’n verschuiving, omdat een sterk India tegenwicht kan bieden aan Chinese invloed in de Indo-Pacific en daarbuiten.

Dit vraagt om een holistische benadering van traditionele en economische veiligheid, en grotere inzet op samenwerking en coördinatie op terreinen waar dat nu nog niet gebeurt. In sommige gevallen vindt die samenwerking nog niet plaats door restrictieve maatregelen die decennia geleden opgelegd zijn. In een nieuwe benadering van India is het van belang ons te realiseren dat India een stevig ‘India-first’ beleid aanhangt. India is zowel een ontwikkeld land als een land in ontwikkeling, en wil als gelijkwaardige partner behandeld worden. Voor de EU en lidstaten is dit complex, aangezien die bepalen welke (ontwikkelingssamenwerking)instrumenten ingezet kunnen worden in de samenwerking.

India’s inzet op ‘India-first’ is het best beantwoord met een ‘Europe-first’ inzet, die vereist dat we weten wat we willen halen uit de relatie én wat we kunnen bieden in de huidige geopolitieke context. Dit vereist ook een balans tussen het aankaarten van mensenrechten en binnenlandse burgervrijheden, die in India onder druk staan, en inzet op samenwerking in ontwikkeling, bevordering van SDGs en gedeelde geopolitieke belangen. Daarbij moet vooral Europa meer bewustzijn ontwikkelen van de ballast van de geschiedenis (vanuit India’s perspectief) en van de belangen en doelen van India’s beleid vandaag. Slechts dan kan Nederland, en de EU als geheel, een relatie opbouwen met India als trusted partner.

In een tijd waarin de geopolitiek van technologie en digitalisering op de radar en beleidsagenda van regeringen wereldwijd staat, kan intensivering en verbreding van samenwerking op deze beleidsdomeinen een belangrijke rol spelen in de nieuwe invulling van de relatie2 . India zoekt naar meer speelruimte in technologische samenwerking, van militaire tot financiële technologieën (FinTech). Nederland en de EU zijn gebaat bij een grotere rol voor India in diversificatie in de strategische aanvoerketens van kritische producten, zoals halfgeleiders, batterijen en farmaceutische producten. Ook zijn er volop kansen om samen te werken op duurzame energietechnologie en grondstoffen om daarmee tegenwicht te bieden tegen de Chinese dominantie in vele toevoerketens.

Kortom er zijn veel terreinen waarop Europa en India de samenwerking kunnen vergroten en daarmee hun eigen open strategische autonomie. Voor Nederland is het van belang meer te investeren in deze relatie en kennis over deze steeds belangrijker wordende grootmacht.

  • 1Het “Make in India” initiatief zet in op nieuwe processen, infrastructuur, sectoren en mindset. Hoewel er nog veel moet gebeuren, wordt er vooruitgang geboekt: in de ‘Ease of Doing Business ranking’ van de Wereldbank is India gestegen van de 142e plaats in 2014 naar de 63e plaats in 2022.
  • 2Hierop wordt nader ingegaan in het Clingendael Rapport ‘Can a strategic approach to technology reinvigorate EU/NL-India relations?’ dat in december 2022 zal verschijnen.