Research

Articles

Uruzgan - ja of nee is te simpel

11 Jul 2007 - 11:14
Welke beslissing ook genomen wordt, zonder het stellen van voorwaarden gaat het niet, vinden Bibi van Ginkel, Kees Homan en Sico van der Meer.
Vergeet bij verlengingsdiscussie niet wat het doel was

De publieke discussie over de militaire missie in de Zuid-Afghaanse provincie Uruzgan lijkt soms simpel te verlopen: we blijven of we vertrekken. Dan wordt vergeten dat zowel verlenging als beëindiging van de missie aan voorwaarden moet voldoen. Want het kan toch niet zo zijn dat Nederland zijn centrale doelstelling in Afghanistan opeens vergeten is?

Deze doelstelling betreft het voorkómen van het afglijden van Afghanistan naar een fragiele of falende staat die weer een vrijhaven biedt voor terroristen. Wegens de door Nederland onderschreven doelstelling van de internationale stabilisatiemacht ISAF zou het kabinet zich, los van de vraag over verlenging, moeten inzetten voor een structurele oplossing van de problemen in Afghanistan. Het gaat om het garanderen van stabiliteit en goed bestuur.

Tevens moeten er oplossingen worden gevonden voor de inmenging vanuit Pakistan en voor de papaverteelt. Alleen oplossingen die meer dimensies van deze problemen aanpakken, hebben kans van slagen.

De internationale gemeenschap zal Pakistan stevig moeten aanpakken om de ongewenste inmenging vanuit Pakistan in Afghanistan te beteugelen. Maar ook moet bemiddeld worden in het grensconflict tussen Pakistan en Afghanistan. Dat staat nu acties tegen ongewenst grensoverschrijdend Talibaan-verkeer in de weg.

Ook bij de papaverteelt moet duidelijk zijn dat er geen quick fixes zijn. De papavervelden omtoveren in een Afghaanse Betuwe heeft geen zin als niet eerst het onderliggende probleem van corrupte bestuurders en de invloed van de warlords worden aangepakt.

Het grootste probleem waar de Nederlandse troepen mee kampen, is het gebrek aan voldoende troepen. Ter vergelijking: gemeten naar het aantal ISAF-militairen per vierkante kilometer in Afghanistan, zou de stabiliseringsmacht in Kosovo in plaats van 18.000 militairen, slechts 370 militairen omvatten. Door dit tekort is het bovendien lastig om tegenstanders uit te schakelen zonder burgerslachtoffers te maken.

De beschikbaarheid van meer troepen op de grond, die bovendien gericht zijn op het winnen van de hearts and minds en die daardoor eerder informatie van de bevolking krijgen, betekent eveneens dat er een duidelijker onderscheid kan worden gemaakt ten opzichte van de hardere Amerikaanse benadering. Deze doet - zo lijkt het - meer kwaad dan goed.

Ook de operationele voorbehouden die veel landen voor de inzet van hun troepen hebben gemaakt, bemoeilijken de missie. Deze betreffen bijvoorbeeld het uitsluitend patrouilleren bij daglicht en een geografische gebonden inzet (niet in het zuiden waar troepen het hardst nodig zijn).

Het zou de VN en de EU bovendien passen om, naast investeringen in civiele projecten, een meer coördinerende rol te vervullen. Hierbij dienen ze zich aan de alomvattende doelstelling te committeren, en verantwoordelijkheid te aanvaarden voor het vervullen van de noodzakelijke voorwaarden.

Bij niet verlenging zou Nederland de middelen die nu aan de militaire missie worden besteed, vrij kunnen maken voor investeringen die op een andere manier bijdragen aan de wederopbouw van Afghanistan. Zeker als wordt bedacht dat Nederland zich aan de kerndoelstelling heeft gecommitteerd.

Daarbij kan dan tegemoetgekomen worden aan de huidige overbelasting van een specialistische eenheid als de genie en van de helikopters. Voorwaarde is wel dat er een goede opvolger wordt gevonden voor de Task Force Uruzgan die op vergelijkbare wijze als de Nederlanders opereert.

Als voor het verlengen van de militaire missie wordt gekozen, zal er een oplossing moeten komen voor de huidige overbelasting van de krijgsmacht. Drie opties liggen dan voor de hand:

  • Er moet meer geld vrijgemaakt worden voor Defensie om (extra) middelen te kunnen inzetten of aanschaffen die voor het voortzetten van de missie noodzakelijk zijn, mede met het oog op de veiligheid van de Nederlandse militairen. De zojuist verschenen Hoofdlijnennotitie van Defensie, met nieuwe voorstellen voor bezuinigingen, stemt wat dat betreft tot weinig optimisme.
  • De missie wordt verlengd, maar in een afgeslankte variant. Bij deze optie komt men op een andere wijze tegemoet aan de huidige overbelasting van de krijgsmacht, maar levert men in ten aanzien van de Nederlandse bijdrage in Uruzgan.
  • Een derde weg is gelegen in een herformulering van het Nederlandse ambitieniveau voor de krijgsmacht, mede gezien de in de Hoofdlijnennotitie voorziene afstoting van operationele capaciteiten en personeel.

Welke beslissing ook genomen wordt, zonder het stellen van voorwaarden gaat het niet. Als deze over het hoofd worden gezien of genegeerd worden, zal het hart van het Nederlandse uitzendingsbesluit geweld aan worden gedaan.