Ondanks de verkiezingsslogan van “America First” bleek Trump-II toch vooral op pragmatische wijze te koersen op een breed compromis met China. Herhaalde pogingen om een Sino-Amerikaanse grand bargain tot stand te brengen lopen in eerste instantie spaak, waardoor sommige waarnemers concluderen dat de belangen en de wereldvisies te ver uiteenlopen voor een constructieve relatie tussen de twee grootmachten. Wat blijkt echter? De stroeve onderhandelingen waren voor een belangrijk deel te wijten aan de persoonlijkheden van de primaire onderhandelaars en hun onbekendheid met de omgangsvormen en perspectieven van de ander. Als de Chinese onderhandelaar door omstandigheden wordt vervangen door een in de VS opgeleide diplomaat en een wereldse onderhandelaar met veel Chinakennis namens de VS aanschuift, verlopen de gesprekken ineens onverwacht vlot. Problemen en onenigheden blijven bestaan, maar opeens verschuift de focus naar de zaken waar de twee het wél over eens kunnen worden. Langzaamaan beginnen de VS en China te convergeren op een blauwdruk voor een wereldorde waar zij allebei mee kunnen leven. Deze is ingedeeld volgens invloedssferen, maar niet de traditionele territoriale variant. De verdeling betreft een taakverdeling tussen de VS en China: allebei grijpen zij de onbetwiste dominantie in een verschillend financieel machtsdomein, elkaars dominantie daarbij min of meer onbetwist latend. Terwijl sommige middenmachten profiteren van de stabiliteit van dit compromis, zetten andere landen alles op alles om deze verstandhouding te saboteren.

Binnen de taakverdeling van de grand bargain die heimelijk is gesloten geeft China het internationale financiële systeem een nieuwe impuls in legitimiteit, terwijl de VS de infrastructuur verzorgen om de kapitaalmachinerie gesmeerd te laten lopen. De VS verstevigen hun grip op internationale betalingen terwijl ze stappen terug doen als mondiale geldschieter. Deze terugtrekking valt goed bij het Amerikaanse electoraat, dat zich de afgelopen tijd heeft verzet tegen ontwikkelingshulp. China doet juist een stap naar voren door het budget van het Belt and Road Initiative (BRI) wederom flink te verhogen. De Asian Infrastructure Investment Bank (AIIB) groeit uit tot een groter en belangrijker financieel bolwerk dan de Wereldbank. Zo worden Chinese investeringen de drijvende motor achter de wereldwijde bouw van kritieke infrastructuur. Van zonneparken in Oezbekistan tot satellietnetwerken van Indonesië en wegen in Zuid-Afrika – Chinees geld vormt de gemene deler.[1]

De Chinese leningen gaan niet langer enkel naar ontwikkelende landen maar in toenemende mate ook naar hogere inkomenslanden. Zelfs de VS zelf blijken een grootontvanger te zijn van Chinese investeringen.[2] Waar de VS tolereren dat China de rol van mondiale geldschieter overneemt, legt China zich neer bij de voortzetting van de op de dollar gestoelde en door Amerikaanse Big Tech gecontroleerde betalingssystemen. De spin in het web van deze betalingen is het Amerikaanse Clearing House Interbank Payments System (CHIPS), dat met een wereldwijd marktaandeel van rond de 96% een absolute monopoliepositie heeft. CHIPS profiteert van de technologische voorsprong van Amerikaanse Big Tech. De invloed van de lobby van deze bedrijven in Washington is groot. In opvolging van de GENIUS Act wordt de juridische basis voor de institutionele integratie van stablecoins in het dollarsysteem verder uitgewerkt.

Middenmachten die goed genesteld zijn in zowel de Amerikaanse infrastructuur als in de Chinese investeringsstromen hebben veel baat bij dit grootmachtcompromis. Europese middenmachten kunnen opgelucht ademhalen. Pogingen van de VS en China om Europese machten te dwingen een kant te kiezen, komen nog wel voor maar hebben veel minder urgentie dan hiervoor. Deze Europese spelers probeerden vóór de grand bargain al tot op zekere hoogte een strategisch compromis te vinden tussen verbinding met de VS en samenwerking met China, en voor het vinden van de juiste balancerende houding wordt nu meer ruimte gegeven. Singapore, het financiële centrum van de Indo-Pacific regio, wordt een belangrijk knooppunt van het betalingsverkeer tussen westerse en Aziatische banken. Singaporese instituties functioneren als betrouwbare tussenpersonen tussen de Chinese overheid en de AIIB enerzijds en de ontvangers van deze leningen over de hele wereld. Ook de financiële sector van het Verenigd Koninkrijk beleeft een heropleving doordat de Bank of England al vroeg heeft ingespeeld op de opkomst van stablecoins.[3] De implementatie van het nieuwe stablecoinregime in 2026 introduceert noodliquiditeit als vangnet in het geval van problemen met betalingen in stablecoins. Maar door het afgeven van deze garanties maken de Britse financiële instituties zichzelf ook kwetsbaar. Een mogelijke crash van deze coins zou zo directe impact kunnen hebben op de positie van de centrale valuta, waardoor een sneeuwbaleffect kan ontstaan met een financiële crisis als gevolg.

Het geval van de Bank of England laat zien dat landen die voorop willen lopen in deze nieuwe financiële structuren ook een groot risico nemen. Het fintech bedrijf Yellow Card, dat in 2019 begon in Nigeria, groeit bijvoorbeeld razendsnel uit tot Afrika’s grootste platform voor internationale betalingen in stablecoins. Het Amerikaanse Visa had in 2025 al aangekondigd nauw samen te werken met Yellow Card. Nu neemt Visa Yellow Card over. Enerzijds maakt de samenwerking snelle en betrouwbare transacties in aan de dollar vastgeklonken coins mogelijk voor Afrikaanse bedrijven. Anderzijds vergroot het de invloed van Amerikaanse Big Tech-bedrijven en beperkt het de vrijheid van Afrikaanse centrale banken om monetair beleid te voeren.

Voor andere middenmachten lijkt met de grand bargain tussen de VS en China een droom in duigen te vallen. India en Brazilië, hunkerend naar een multipolaire wereld, hadden ingezet op een gefragmenteerde financiële infrastructuur. Met de lancering van eigen alternatieven voor digitale betalingen, India’s Unified Payments Interface (UPI) en het Braziliaanse Pix, hoopten de landen de dominantie van de Amerikaanse Big Tech bedrijven als Visa en Mastercard te bestrijden. Hoewel de systemen een succes zijn bij de binnenlandse consumenten weten de platformen slechts een minimaal aandeel te behalen in internationale betalingen. China staakt bovendien zijn steun voor de ontwikkeling van een collectief alternatief systeem. Zo trekt het zich terug uit het BRICS Pay initiatief, dat door Rusland was geïnitieerd om te concurreren met het Swift systeem. In de gangen van het Kremlin wordt venijnig gesist over “het Chinese verraad” van de multipolaire wereldorde.

De axis of upheaval versplintert, BRICS+ is gebroken. Het idee was om een unipolaire, top-down wereldorde aan te vechten onder het informele aanvoerderschap van China. Nu is China zelf grootaandeelhouder in een gecentraliseerde wereldorde. De resterende tegenstanders van de nieuwe geopolitieke ‘dubbelmonarchie’ worden in sommige media RIBS genoemd: Rusland, India, Brazilië en Zuid-Afrika vormen de stoffelijke restanten van de belofte die BRICS+ ooit was. Deze RIBS-landen treden naar de achtergrond en proberen vanuit de schaduwen te morrelen aan de stabiliteit van het Sino-Amerikaanse wereldsysteem terwijl ze tegelijkertijd China proberen te overtuigen terug in het “multipolaire” kamp te stappen. Eén van de pijlers van het nieuwe systeem wordt gevormd door de stablecoins. Op deze pijler beginnen de Russische en Iraanse veiligheidsdiensten nu hun pijlen te richten. Gewapend met decennia aan ervaring in het uitvoeren van “actieve maatregelen” (lees: heimelijke beïnvloeding) beginnen deze diensten in het cyber- en informatiedomein alarm te verspreiden over de instabiliteit van deze financiële infrastructuur en de satanische complotten waarin de CEOs van stablecoin-bedrijven verwikkeld zouden zijn.

Een stablecoin is een digitale munt (crypto currency) waarvan de waarde is gekoppeld aan een ander actief, bijvoorbeeld goud of een fiatvaluta zoals de dollar.
Una Galani, “China’s answer to World Bank faces its next test,” Reuters, 12 november 2025.
Nynke Warmerdam, “Bank of England versoepelt regels rondom stablecoins,” BNR, 10 november 2025.